305
Gebruik een zachte doek om alle sensoren en oplaadcontacten in de
robotstofzuiger schoon te maken:
· De afgrondsensoren en de ultrasone sensor aan de onderkant van de
robotstofzuiger
· De oplaadcontacten aan de achterkant van de robotstofzuiger
· De randsensor aan de zijkant van de robotstofzuiger
· De LDS-lasersensor bovenop de robotstofzuiger
· De stootrand, de AI-sensor voor visuele herkenning en de
lijnlasersensoren aan de voorkant van de robotstofzuiger
Sensoren en oplaadcontacten
Lijnlasersensor
AI-sensor voor visuele
herkenning
Afgrondsensor
LDS-lasersensor
Ultrasone sensor
Oplaadcontactpunten
Randsensor
Stootrand
WAARSCHUWING: Als er te veel haar in de borstel verstrikt is geraakt of als het haar
te strak verstrikt is geraakt zit, verwijder het dan voorzichtig zodat u de borstel niet
beschadigt.
Borstel en zijborstel
1. Draai de robotstofzuiger om en knijp de klemmen samen om de
borstelklep te verwijderen.
2. Haal de borstel uit de robotstofzuiger en maak de borstellagers schoon.
3. Gebruik de bijgeleverde borstelreiniger om eventuele verstrengelde
haren los te snijden en haren en ander vuil van de borstel te
verwijderen.
4. Verwijder de zijborstel in opwaartse richting om deze schoon te maken.
5. Plaats de borstel, de zijborstel en de borstelklep terug en zorg ervoor
dat ze stevig op hun plaats zitten.
Borstelklep
Clip
Borstel
Borstellagers
Opmerkingen:
· Het wordt aanbevolen de borstel om de 6 tot 12 maanden te vervangen voor optimale
reinigingsprestaties.
· Het wordt aanbevolen de zijborstel om de 3 tot 6 maanden te vervangen voor optimale
reinigingsprestaties.