NL
58 CS 4030
Inbedrijfstelling
OPMERKING Neem de gedetailleerde ge-
gevens uit de meegeleverde gebruiksaanwijzing
van de accu en de oplader in acht.
12.2 Accu plaatsen (03)
1. Schuif de accu (03/1) van bovenaf in de ac-
cu-uitsparing (03/2) (03/A) tot hij vastklikt.
12.3 Accu verwijderen (03)
1. De ontgrendelingsknop (03/3) op de accu
(03/1) indrukken en ingedrukt houden.
2. Accu (03/1) verwijderen (03/B).
12.4 Kettingspanning controleren
De kettingspanning vaak controleren, omdat een
nieuwe zaagketting vanzelf langer wordt.
Bij de bedrijfstemperatuur wordt de zaagketting
langer en hangt deze iets door.
OPMERKING De zaagketting is correct
gespannen wanneer deze:
■
aanligt tegen de onderkant van het zaagblad
en met de hand kan worden doorgetrokken.
■
in het midden van het zaagblad ongeveer 3 -
4 mm omhoog kan worden getild.
VOORZICHTIG! Ongevalsrisico door los-
springen van zaagketting! Een onvoldoende
strak gespannen zaagketting kan tijdens het ge-
bruik losspringen en letsel veroorzaken.
■
Controleer de kettingspanning regelmatig. De
kettingspanning is te laag, wanneer de ket-
tingschakels aan de onderkant van het zaag-
blad uit de groef komen.
■
Span de zaagketting volgens voorschrift, zo-
dra de kettingspanning te laag is.
12.5 Functie van de kettingrem testen
De kettingzaag is uitgerust met een handbedien-
de kettingrem die bijv. bij een terugslag (kick-
back) via de handbescherming wordt geacti-
veerd.
Bij activering van de kettingrem wordt de zaag-
ketting onmiddellijk gestopt en de motor uitge-
schakeld.
GEVAAR! Levensgevaar vanwege achte-
loos gebruik! Door onvoorzichtige en onvoorzie-
ne bewegingen van de kettingzaag kan zeer
zwaar, tot dodelijk letsel worden veroorzaakt.
■
Ga bij het werken met de kettingzaag altijd
veiligheidsbewust en zeer geconcentreerd te
werk.
■
Bij het vrijgeven van de kettingrem geen
schakelaar indrukken.
WAARSCHUWING! Levensgevaar en ge-
vaar voor zeer ernstig persoonlijk letsel door
een defecte kettingrem. Wanneer de kettingrem
niet werkt kan, bijv. bij een terugslag (kickback),
de zaagketting de gebruiker zeer ernstig, tot do-
delijk letsel toebrengen.
■
Test voor het begin van alle werkzaamheden
steeds eerst de kettingrem.
■
Schakel de kettingzaag niet in, wanneer de
kettingrem defect is. Laat de kettingzaag in
een dergelijk geval controleren door een des-
kundige werkplaats.
12.6 Functietest van kettingrem bij
uitgeschakelde motor (08)
1. De accu uit het apparaat trekken, zie hoofd-
stuk zie Hoofdstuk 12.3 "Accu verwijderen
(03)", pagina58.
2. Om de kettingrem los te zetten moet de
handbescherming (08/1) in de richting van de
beugelgreep (08/2) (08/A) worden getrokken.
De zaagketting kan nu met de hand rond
worden getrokken.
3. Om de kettingrem in te schakelen mote de
handbescherming (08/1) naar voren (08/B)
gedrukt worden. Het mag nu niet mogelijk
zijn de zaagketting rond te trekken.
12.7 Functietest van kettingrem bij
ingeschakelde motor (08)
OPMERKING Alvorens de kettingzaag in
te schakelen altijd de kettingrem vrijgeven.
1. De kettingzaag veilig en stevig beethouden
bij de beugelgreep en de handgreep.
2. Geef de kettingrem vrij.
3. Schakel de motor in.
4. Druk de handbescherming (08/1) naar voren
(08/B). De zaagketting en de motor moeten
direct tot stilstand komen.