NL
74
3. Trek het waterreservoir uit de
luchtontvochtiger.
4. Leeg het waterreservoir op een geschikte
plaats.
5. Reinig het waterreservoir inwendig en
uitwendig.
6. Plaats het waterreservoir terug in de
luchtontvochtiger.
7. Druk op de schakelaar om de
luchtontvochtiger aan te zetten.
8. Als het controlelampje voor vol
waterreservoir niet uitgaat, verwijder het
waterreservoir opnieuw en controleer of
de vlotter correct geplaatst is.
AFB. 46
Continu legen van het
waterreservoir
Sluit de meegeleverde slang aan op de
luchtontvochtiger voor continue lediging of
voor onbewaakte ontvochtiging. Het water
loopt vanzelf weg naar een geschikte bak of
afvoer.
1. Plaats de luchtontvochtiger op een vlakke,
stabiele ondergrond.
2. Schakel de luchtontvochtiger uit voordat
de slang wordt aangebracht.
3. Verwijder de plug uit de waterafvoer en
bewaar hem op een veilige plaats.
4. Sluit de afvoerslang zorgvuldig aan en
controleer of hij vrij is van obstakels en
knikken.
5. Plaats het vrije uiteinde van de
afvoerslang in een geschikte bak of afvoer
en controleer of het water vrij uit het
toestel kan stromen.
– Plaats het vrije uiteinde van de slang
niet onder water, dit kan de afvoer
belemmeren.
– De afvoerslang moet onder een hoek
van ten minste 20° naar beneden
lopen.
AFB. 47
FILTER REINIGEN
Reinig het luchtlter om de twee weken.
Na verloop van tijd hoopt zich stof op in het
lter, waardoor de luchtstroom wordt beperkt
en de eciëntie van de luchtontvochtiger
afneemt. Verstopping van het lter kan de
luchtontvochtiger beschadigen.
Het luchtlter kan worden verwijderd voor
eenvoudige reiniging:
1. Maak het lterframe los en verwijder het
lter.
2. Zuig voorzichtig het stof van het oppervlak
van het lter.
3. Als het lter erg vuil is, kan het worden
gewassen met water en een mild
schoonmaakmiddel. Laat volledig drogen.
4. Zet het lter weer terug.
AFB. 48
LET OP!
Gebruik de luchtontvochtiger nooit zonder
luchtlter, dit kan leiden tot de opbouw van
verontreinigingen op de verdamper.
OPSLAG
Als de luchtontvochtiger voor langere tijd
(meer dan een paar weken) niet wordt
gebruikt, moet hij grondig worden gereinigd
en gedroogd voordat hij wordt opgeborgen.
Volg de onderstaande instructies:
1. Zet de luchtontvochtiger uit met de
schakelaar en haal de stekker uit het
stopcontact.
2. Leeg het waterreservoir.
3. Maak het lter schoon en laat het volledig
drogen op een schaduwrijke plaats.
4. Wikkel het snoer op de snoerhouder.
5. Zet het lter weer terug.
6. De luchtontvochtiger moet rechtop
worden opgeborgen.
7. Bewaar de luchtontvochtiger in een
droge, goed geventileerde ruimte