EasyManua.ls Logo

APA 16623 - Contactinformatie; De Acculader Aansluiten; De Dynamo Testen; Dynamotest

APA 16623
Print Icon
To Next Page IconTo Next Page
To Next Page IconTo Next Page
To Previous Page IconTo Previous Page
To Previous Page IconTo Previous Page
Loading...
26
6.3.3 Starthulpprocedure
Druk op de Start/Stop-knop. Start de motor. Laat de starter niet langer dan 6 seconden werken. Mocht de motor
niet starten, wacht dan minimaal 3 minuten tot u een hernieuwde startpoging doet. Ga na de derde mislukte
startpoging niet verder, maar controleer of er een defect aan uw voertuig is.
Als de motor loopt, drukt u op de Start/Stop-knop en trekt u de stekker van de acculader uit het stopcontact. Ver-
volgens verwijdert u eerst de zwarte pooltang (-) en daarna de rode pooltang (+). Houd altijd deze volgorde aan.
6.4 Dynamotest
6.4.1 De acculader aansluiten
Let op: De stekker van de acculader mag niet in het stopcontact zitten, controleer dit. Sluit altijd eerst de
rode pluskabel (+) van de acculader op de pluspool van de accu aan. Daarna sluit u de zwarte minkabel (-)
op de carrosserie (blank gedeelte) aan, zover mogelijk uit de buurt van de accu, carburateur, brandstoei-
dingen en draaiende delen van de motor. Houd altijd deze volgorde aan.
6.4.2 De dynamo testen
Het display (positie 1 in het overzicht) geeft nu de actuele spanning van de accu van het voertuig aan. Druk op de
knop ‚Test‘ (positie 5.3 in het overzicht) en start de motor van het voertuig. Als het controlelampje ‚OK‘ (positie 5.2
in het overzicht) brandt, werkt de dynamo van het voertuig correct. Als het controlelampje ‚Fout‘ (positie 5.1 in het
overzicht) brandt, ligt de laadspanning van de dynamo buiten het tolerantiegebied. Laat in dat geval de dynamo
van het voertuig bij een garage controleren.
LET OP: Laat bij een foutmelding uw voertuig in de garage controleren omdat het apparaat niet alle
nominale laadspanningen kan controleren.
6.5 Gebruik als constante stroombron
Steek de stekker van de acculader in het stopcontact. Stel op het bedieningsveld functiekeuze (positie 4 in het
overzicht) met de keuzeschakelaar voor de bedrijfsmodus (positie 4.3 in het overzicht) de functie ‚13,6 V constant‘
in. Nu staat op de pooltangen een spanning van 13,6 V (leegloop) waarmee u kleine apparaten die geschikt zijn
voor deze spanning kunt laten werken.
7. Onderhoud en verzorging
7.1 Onderhoud: Bij reglementair gebruik is de acculader onderhoudsvrij.
7.2 Verzorging: Reinig de pooltangen elke keer na het opladen. Verwijder alle accuzuurspetters van de pooltan-
gen om corrosie te voorkomen. Maak het apparaat uitsluitend schoon met een droge doek. Gebruik geen vloeistof-
fen of chemische reinigingsmiddelen. Dompel het apparaat nooit onder in vloeistof. Laat nooit vloeistof over het
apparaat lopen.
Rol de kabels netjes op voordat u het apparaat opbergt om beschadiging van de kabels en het apparaat te voorko-
men. Bewaar het apparaat op een droge en schone plek.
8. Informatie over de bescherming van het milieu
De verpakking bestaat uit milieuvriendelijke materialen die u via de lokale recyclingpunten kunt afvoeren.
Gooi elektrische apparaten niet weg met het gewone huishoudelijke afval! Afgedankte elektrische en
elektronische apparaten moeten gescheiden worden ingezameld en op milieuvriendelijke wijze worden
gerecycled. U kunt informatie inwinnen bij uw gemeente- of stadsbestuur over de afvoermogelijkheden
voor afgedankte elektronische apparaten.
9. Contactinformatie
EAL GmbH
Otto-Hausmann-Ring 107, 42115 Wuppertal, Duitsland
Telefoon: +49 (0)202 42 92 83 0 Telefax: +49 (0)202 2 65 57 98
Internet: www.eal-vertrieb.de E-Mail: info@eal-vertrieb.com

Table of Contents

Related product manuals