20
BEDIENING
2. TRIGGER VERTRAGING
- 2 triggersignalen kunnen worden aangesloten en elke triggerbron (CAM1, CAM2) kan
geselecteerd worden.
- Wanneer het triggersignaal actief is, verschijnt het beeld van de geselecteerde bron
automatisch op het monitorscherm.
- De vertragingstijd van elke trigger kan op 0 tot 20 seconden worden ingesteld.
3. NAAM CAMERA
- Aan elke camera kan een naam worden gegeven en de geselecteerde naam van de
camera wordt op het scherm weergegeven.
4. SCHAALMODUS
MENU DN UP
–
+
MENU
➟ ➟ ➟ ➟
2 TRIGGER VERTRAGING
TRIGGER 1: [0 SEC TOT 20 SEC]
TRIGGER 2: [0 SEC TOT 20 SEC]
3 CAMERANAAM
CAM 1: [_______]
CAM 2: [_______]
MENU DN UP
–
+
MENU
➟ ➟
➟
➟
...
➟
4 GRIJSSCHAAL MODUS
WEERGAVEMODUS: [CAM1;CAM2;ALLE;GEEN]
CAM1 SCHAAL: [SCHAAL1; SCHAAL2; SCHAAL3;
SCHAAL4]
CAM2 SCHAAL: [SCHAAL1; SCHAAL2; SCHAAL3;
SCHAAL4]
SCHAAL1
SCHAAL2
SCHAAL3
SCHAAL4
MENU DN UP
–
+
MENU
➟ ➟ ➟ ➟
DN UP
–
+
➟ ➟
SCHAAL 1.2 Instelling
SELECTEER
opties instellen verlatenselecteren
omhoog/omlaag
bladeren
toegang
SELECTEER
opties instellen verlatenselecteren
omhoog/omlaag
bladeren
toegang
selecteren
omhoog/omlaag
bladeren
toegang
SELECTEER
SELECTEER
opties instellen verlatenselecteren
omhoog/omlaag
bladeren
opties instellen