7. Montage
Let op ! Trek vóór alle onderhouds- en
afstelwerkzaamheden op de cirkelzaag telkens de
netstekker uit het stopcontact.
7.1 Montage van het zaagblad (fig. 2/3)
앬 Let op ! Netstekker trekken
앬 De bevestigingsschroeven (20) losdraaien en de
spaanbakafdekking (19) wegnemen.
앬 Moer (21) losdraaien door de ringsleutel (30) aan
de moer aan te zetten en de haaksleutel (31) aan
de as van de zaagmachine aan te zetten om
tegen te houden.
앬 Let op ! Moer in draairichting van het zaagblad
(4) draaien.
앬 Buitenste flens (22) afnemen en het oude
zaagblad (4) schuin naar beneden van de
binnenste flens aftrekken.
앬 Montageflenzen schoonmaken.
앬 De montage van het nieuwe zaagblad gebeurt in
omgekeerde volgorde.
앬 Let op ! Draairichting in acht nemen (zie pijl op
het zaagblad).
7.2 Afstelling van de spleetspie (fig. 4-6)
앬 Zaagbladafdekking (2) afnemen (zie 7.3).
앬 Tafelinzetstuk (6) verwijderen (zie 7.4).
앬 De beide schroeven (24) losdraaien.
앬 De spleetspie (5) afstellen zodat de afstand
tussen zaagblad (4) en spleetspie (5) 3 tot 5 mm
bedraagt. (zie fig. 6)
앬 De spleetspie (5) moet in lengterichting in één
lijn zijn met het zaagblad (4).
앬 De beide schroeven (24) terug aanhalen.
앬 De afstelling van de spleetspie moet telkens na
het verwisselen van zaagblad worden
gecontroleerd.
7.3 Montage van de zaagbladafdekking (fig. 4)
앬 Zaagbladafdekking (2) op de spleetspie (5)
zetten en uitlijnen.
앬 Schroef (15) door het gat in de
zaagbladafdekking (2) en in het spouwmes (5)
geleiden en borgen d.m.v. de moer.
앬 De demontage gebeurt in omgekeerde volgorde.
7.4 Vervangen van het tafelinzetstuk (fig. 4)
앬 Let op : Netstekker trekken !
앬 De zes schroeven (23) verwijderen.
앬 Zaagbladafdekking (2) afnemen (zie 7.3).
앬 Het versleten tafelinzetstuk (6) naar boven
uitnemen.
앬 De montage van het nieuwe tafelinzetstuk
gebeurt in omgekeerde volgorde.
8. Bediening
8.1 Aan-/uitschakelaar (fig. 1)
앬 De zaag kan worden aangezet door de groene
toets “I” in te drukken.
앬 Om de zaag terug af te zetten moet u de rode
toets “0” indrukken.
8.2 Parallellaanslag
8.2.1 Aanslaghoogte (fig. 7/8)
앬 De bijgeleverde parallelaanslag (7) heeft twee
geleidevlakken, die van hoogte verschillen.
앬 Naargelang de dikte van de te snijden materialen
moet de aanslagrail (25) volgens fig. 7, voor dik
materiaal en volgens fig. 8 voor dun materiaal
worden gebruikt.
앬 Om van aanslaghoogte te veranderen de beide
kartelschroeven (12) losdraaien en de
aanslagrail (25) aftrekken van de steunrail (26).
앬 Aanslagrail (25) naargelang van de nodige
aanslaghoogte met 180° naar links of rechts
draaien en terug de steunrail (26) op steken.
앬 Kartelschroeven (12) vastdraaien.
8.2.2 Snijbreedte (fig. 8)
앬 Tijdens het in de lengte snijden van houten
stukken moet de parallelaanslag (7) worden
gebruikt.
앬 De parallelaanslag (7) naar de rechter- of
linkerkant van de zaagtafel (1) schuiven.
앬 Met behulp van de schaal (b) op de zaagtafel (1)
kan de parallelaanslag (7) op de gewenste maat
worden afgesteld.
앬 De beide vleugelschroeven (12) aanhalen om de
parallelaanslag (7) vast te zetten.
8.3 Hoekafstelling (fig. 9/10)
앬 Vastzethendels (14) loszetten.
앬 Door schuiven van de beide vastzethendels (14)
kan het zaagblad (4) op de gewenste hoekmaat
(zie schaal (13)) worden afgesteld.
앬 Vastzethendels (14) terug vastzetten.
NL
20