EasyManua.ls Logo

elco VG 1.105 D E - Page 11

elco VG 1.105 D E
Print Icon
To Next Page IconTo Next Page
To Next Page IconTo Next Page
To Previous Page IconTo Previous Page
To Previous Page IconTo Previous Page
Loading...
09/2018 - Art. Nr. 4200 1092 1400A 11
nl
Inwerkingstelling
Instelgegevens
Luchtregeling
Bovenstaande instelgegevens zijn basisinstellingen. Met deze instellingen kan normaal gesproken de brander in bedrijf
worden genomen. In ieder geval de instelwaarden zorgvuldig controleren. Correcties vanwege de installatie kunnen noodzakelijk
zijn.
De aanzuigluchtgeleiding 6 wordt in de
fabriek op 1 ingesteld.
Stand 1 = max. ventilatordruk
Stand 5 = min. ventilatordruk
In gevallen waar een hoge ventilatordruk
een nadeel is, bijvoorbeeld bij sterke
onderdruk in de haard, kan de druk
worden verminderd door de geleiding
van aanzuiglucht te veranderen:
• De bevestigingsschroef 7 losdraaien
• De geleiding van aanzuiglucht op een
nieuwe waarde instellen
• Schroef weer aanspannen.
De instellingen van de lucht worden
uitgevoerd in twee zones:
- op de drukleiding van de ventilator via
de luchtdoseertrommel.
- in de verbrandingskop via de deflector
en het aansluitstuk.
De luchtdoseertrommel vertoont een
lineaire responskarakteristiek en wordt
ingesteld met behulp van de servomotor
Y10. De instelwaarde kan worden
gecontroleerd op de gegradueerde
schaal.
De instelling van lucht in de branderkop
beïnvloedt niet alleen het luchtdebiet
maar ook de mengzone en de luchtdruk
in de kop. Verdraai schroef 15.
- Rechtsom draaien = meer lucht
- Linksom draaien = minder lucht
De stand van de deflector kan worden
gecontroleerd op de schaal Y.
S Schroef voor het instellen van de
nokken
II Bedieningsnok, elektroventiel volle
belasting (MV2)
III Bedieningsnok, elektroventiel
gedeeltelijke belasting (MV1)
IV Bedieningsnok, luchtdosering,
gedeeltelijke belasting (1e trap)
V Bedieningsnok, luchtdosering, volle
belasting (2e trap)
Instellen van de bedieningsnokken
Voor het instellen gebruikt men schroef S
Naar rechts draaien = meer lucht
Naar links draaien = minder lucht
Opgelet!
Wanneer de nokken op meer lucht worden
ingesteld, reageert de luchtklep onmiddellijk.
Wanneer ze op minder lucht worden
ingesteld, wordt de nieuwe instelling van
de luchtkleppen pas van kracht na het
opnieuw opstarten van de brander of na
overgang naar gedeeltelijke belasting of
naar volle belasting, naargelang van het
geval.
De bedieningsnokken II en III zijn
onderling verbonden (toestemming tot gas
volle belasting) en moeten zich tussen de
stand van de bedieningsnokken voor
gedeeltelijke belasting en die voor volle
belasting bevinden).
Instelbereik van de
positioneeraandrijving van 2 tot 8 (of
van 20° tot 180°).
De positioneeraandrijving niet
instellen op een waarde onder 20°
Luchtpressostaat
(fabrieksinstelling)
Luchtdruk
1e trap
PG1
Luchtdruk
2e trap
PG
1e trap 2e trap
1e trap
Nok IV
2e trap
Nok V
mbar mbar mbar
45 60 15 2 8 3,4 5,8
55 72 25 6 13 4,8 7,9
55 84 30 6 18 4,3 9,3
45 60 15 2 8 4,7 7,2
55 72 25 6 13 6,3 10,3
55 84 30 6 18 6,2 13,2
Gastype Brandervermogen
Maat Y
(mm)
Positie
luchtklep
Instelling gasblok
VG1.105 D E
G20
/ G25 10
G31 (1)