ùÎÂÍÚÓÛ·‡ÌÓÍ
ñàîêõ, èêàÇÖÑÖççõÖ çàÜÖ Ç íÖäëíÖ,
éíçéëüíëü ä êàëìçäÄå çÄ ëíê.2
íÖïçàóÖëäàÖ
ïÄêÄäíÖêàëíàäà
éèàëÄçàÖ àáÑÖãàü
äêÄíäéÖ éèàëÄçàÖ
LJ¯‡ χ¯Ë̇ ËÏÂÂÚ ‰‚ÓÈÌÛ˛ ËÁÓÎflˆË˛ Ë
Ô‰̇Á̇˜Â̇ ‰Îfl ‡·ÓÚ˚ ‚Û˜ÌÛ˛.
èË‚ÎÂ͇ÚÂθ̇fl ÙÓχ Ë Ì·Óθ¯Ë ‡ÁÏÂ˚ ӷ΄-
˜‡˛Ú Û‰Ó·ÒÚ‚Ó Â„Ó Ú‡ÌÒÔÓÚËÓ‚ÍË. Ç ‡·ÓÚÂ
ËÌÒÚÛÏÂÌÚ Ì‡‰ÂÊÂÌ Ë ·ÂÁÓÔ‡ÒÂÌ. è˂ӉËÚÒfl ‚
‰ÂÈÒÚ‚Ë ӉÌÓÙ‡ÁÌ˚Ï ˝ÎÂÍÚÓÏÓÚÓÓÏ ˜ÂÂÁ
ÍÎËÌÓ‚Û˛ ÂÏÂÌÌÛ˛ Ô‰‡˜Û. è‰̇Á̇˜‡ÂÚÒfl ‰Îfl
ÒÚÓ„‡ÌËfl ‰Â‚flÌÌ˚ı ‰ÓÒÓÍ Ë ·ÛҸ‚.
éëçéÇçõÖ ìáãõ (êËÒ.1)
A êÛÍÓflÚ͇ „ÛÎËÓ‚ÍË „ÎÛ·ËÌ˚ ÒÚÓ„‡ÌËfl
B à̉Ë͇ÚÓ „ÎÛ·ËÌ˚ ÒÚÓ„‡ÌËfl
C 臂‡fl Í˚¯Í‡
D Ç˚Íβ˜‡ÚÂθ
E ê‡Á·ÎÓÍËÛ˛˘‡fl ÍÌÓÔ͇
F êÛÍÓflÚ͇
G ょfl Í˚¯Í‡
ìäÄáÄçàü èé íÖïçàäÖ
ÅÖáéèÄëçéëíà
Ç ‰‡ÌÌÓÏ ÛÍÓ‚Ó‰ÒÚ‚Â ÔÓ ˝ÍÒÔÎÛ‡Ú‡ˆËË
ËÒÔÓθÁÛ˛ÚÒfl ÒÎÂ‰Û˛˘Ë ÒËÏ‚ÓÎ˚:
ì͇Á˚‚‡ÂÚ Ì‡ ÓÔ‡ÒÌÓÒÚ¸ Ú‡‚ÏËÓ‚‡ÌËfl,
ÓÔ‡ÒÌÓÒÚ¸ ‰Îfl ÊËÁÌË ËÎË ‚ÓÁÏÓÊÌÓ„Ó
ÔÓ‚ÂʉÂÌËfl ‡ÔÔ‡‡Ú‡ ÔË ÌÂÒӷβ‰ÂÌËË ËÌÒÚÛ͈ËÈ
‰‡ÌÌÓ„Ó ÛÍÓ‚Ó‰ÒÚ‚‡ ÔÓ ˝ÍÒÔÎÛ‡Ú‡ˆËË.
ì͇Á˚‚‡ÂÚ Ì‡ ÓÔ‡ÒÌÓÒÚ¸ ÔÓ‡ÊÂÌËfl
˝ÎÂÍÚ˘ÂÒÍËÏ ÚÓÍÓÏ.
è‰ ̇˜‡ÎÓÏ ˝ÍÒÔÎÛ‡Ú‡ˆËË ‡ÔÔ‡‡Ú‡ ‚ÌËχÚÂθÌÓ
ÔÓ˜ÚËÚ ‰‡ÌÌÓ ÛÍÓ‚Ó‰ÒÚ‚Ó. é·flÁ‡ÚÂθÌÓ ËÁÛ˜ËÚÂ
ÛÒÚÓÈÒÚ‚Ó, ÔË̈ËÔ ‡·ÓÚ˚ Ë ÔÓfl‰ÓÍ
˝ÍÒÔÎÛ‡Ú‡ˆËË ‡ÔÔ‡‡Ú‡. Ç ˆÂÎflı Ó·ÂÒÔ˜ÂÌËfl
ÌÓχθÌÓ„Ó ÙÛÌ͈ËÓÌËÓ‚‡ÌËfl ËÁ‰ÂÎËfl
ÌÂÓ·ıÓ‰ËÏÓ Òӷβ‰‡Ú¸ ËÌÒÚÛ͈ËË ÔÓ ÛıÓ‰Û Ë
ÚÂıÓ·ÒÎÛÊË‚‡Ì˲. чÌÌÓ ÛÍÓ‚Ó‰ÒÚ‚Ó Ë
ÔË·„‡ÂÏÛ˛ ‰ÓÍÛÏÂÌÚ‡ˆË˛ ÒΉÛÂÚ ı‡ÌËÚ¸ ‚ÏÂÒÚÂ
Ò ‡ÔÔ‡‡ÚÓÏ.
ÇÓ ËÁ·ÂʇÌË ‚ÓÁÌËÍÌÓ‚ÂÌËfl ÔÓʇ‡,
ÔÓ‡ÊÂÌËfl ˝ÎÂÍÚ˘ÂÒÍËÏ ÚÓÍÓÏ Ë Ì‡ÌÂÒÂÌËfl
Û˘Â·‡ Ò‚ÓÂÏÛ Á‰ÓÓ‚¸˛ ÔË ÔÓθÁÓ‚‡ÌËË
˝ÎÂÍÚ˘ÂÒÍËÏ Ó·ÓÛ‰Ó‚‡ÌËÂÏ ÌÂÓ·ıÓ‰ËÏÓ
ÌÂÛÍÓÒÌËÚÂθÌÓ Òӷβ‰‡Ú¸ ÔËÌflÚ˚ ‚ ‚‡¯ÂÈ
Òڇ̠ԇ‚Ë· ÚÂıÌËÍË ·ÂÁÓÔ‡ÒÌÓÒÚË.
ÇÌËχÚÂθÌÓ Ë ÔÓÎÌÓÒÚ¸˛ ÓÁ̇ÍÓϸÚÂÒ¸ Ò
̇ÒÚÓfl˘ËÏË Û͇Á‡ÌËflÏË ÔÓ ·ÂÁÓÔ‡ÒÌÓÒÚË Ë
ÒÓı‡ÌËÚ Ëı ‚ ̇‰ÂÊÌÓÏ ÏÂÒÚÂ!
èêÄÇàãÄ ùãÖäíêéÅÖáéèÄëçéëíà
ÇÒ„‰‡ ÔÓ‚ÂflÈÚÂ, ÒÓÓÚ‚ÂÚÒÚ‚ÛÂÚ ÎË Ç‡¯Â
ÒÂÚ‚Ó ̇ÔflÊÂÌË ̇ÔflÊÂÌ˲ ̇
Á‡‚Ó‰ÒÍÓÈ Ú‡·Î˘ÍÂ.
LJ¯‡ χ¯Ë̇ ÓÒ̇˘Â̇ ‰‚ÓÈÌÓÈ ËÁÓÎflˆËÂÈ
Òӄ·ÒÌÓ ÌÓÏ EN50144 Ë Ì Ú·ÛÂÚ
Á‡ÁÂÏÎÂÌËfl.
á‡ÏÂ̇ ÒÂÚ‚˚ı ¯ÌÛÓ‚ Ë ¯ÚÂÍÂÌ˚ı ‚ËÎÓÍ
àÁ·‡‚ÎflÈÚÂÒ¸ ÓÚ ÒÚ‡˚ı ÒÂÚ‚˚ı ¯ÌÛÓ‚ Ë
¯ÚÂÍÂÌ˚ı ‚ËÎÓÍ ÌÂÔÓÒ‰ÒÚ‚ÂÌÌÓ ÔÓÒΠÚÓ„Ó, ͇Í
ÓÌË Á‡ÏÂÌfl˛ÚÒfl ̇ ÌÓ‚˚Â. èÓ‰Íβ˜ÂÌËÂ Í ÓÁÂÚÍÂ
¯ÚÂÍÂÌÓÈ ‚ËÎÍË ÌÂÁ‡ÍÂÔÎÂÌÌÓ„Ó ¯ÌÛ‡ ÓÔ‡ÒÌÓ.
àÒÔÓθÁÓ‚‡ÌË ۉÎËÌËÚÂÎÂÈ.
àÒÔÓθÁÛÈÚ ÚÓθÍÓ ‡Á¯ÂÌÌ˚È Û‰ÎËÌËÚÂθÌ˚È
͇·Âθ, ÍÓÚÓ˚È ÒÓÓÚ‚ÂÚÒÚ‚ÛÂÚ ÏÓ˘ÌÓÒÚË ‡ÔÔ‡‡Ú‡.
ÜËÎ˚ ‰ÓÎÊÌ˚ ËÏÂÚ¸ ÏËÌËχθÌÓ ÔÓÔ˜ÌÓÂ
Ò˜ÂÌË 1,5 ÏÏ
2
. ÖÒÎË Í‡·Âθ ̇ÏÓÚ‡Ì Ì‡ ͇ÚÛ¯ÍÛ, „Ó
ÒΉÛÂÚ ÔÓÎÌÓÒÚ¸˛ ‡ÁÏÓÚ‡Ú¸.
çÖåÖÑãÖççé éíäãûóàíú åÄòàçì
éí ëÖíà Ç ëãÖÑìûôàï ëãìóÄüï:
1. çÂËÒÔ‡‚ÌÓÒÚ¸ ¯ÚÂÍÂÌÓÈ ‚ËÎÍË, ÒÂÚ‚ӄÓ
¯ÌÛ‡ ËÎË ÔÓ‚ÂʉÂÌË ¯ÌÛ‡.
2. èÓÎÓÏ͇ ÒÂÚÂ‚Ó„Ó ‚˚Íβ˜‡ÚÂÎfl.
3. èÓfl‚ÎÂÌË ‰˚χ ËÎË Á‡Ô‡ı‡ „ÓÂÎÓÈ ËÁÓÎflˆËË.
ç‡ÔflÊÂÌË ÔËÚ‡ÌËfl | 230 Ç~
ó‡ÒÚÓÚ‡ ÚÓ͇ | 50 Ɉ
èÓÚ·ÎflÂχfl ÏÓ˘ÌÓÒÚ¸ | 650 ÇÚ
ëÍÓÓÒÚ¸ ·ÂÁ ̇„ÛÁÍË | 16000 Ó·/ÏËÌ
òËË̇ ÒÚÓ„‡ÌËfl | 82 ÏÏ
å‡ÍÒ. „ÎÛ·Ë̇ ÒÚÓ„‡ÌËfl | 2 ÏÏ
ÇÂÒ | 2,62 Í„
á‚ÛÍÓ‚Ó ‰‡‚ÎÂÌË | 85,3 ‰Å
ìÓ‚Â̸ ¯Ûχ | 96,3 ‰Å
ÇË·‡ˆËfl | 2,56 Ï/Ò
2
Ferm 57
ONDERHOUD
Trek vóór het plegen van onderhoud altijd eerst de
stekker uit het stopcontact.
De schaafbeitel is na een bepaalde gebruiksduur
versleten. Als u een stompe of beschadigde schaafbeitel
toch verder blijft gebruiken, dan wordt daardoor de
effectiviteit ervan gereduceerd en eventueel de
elektromotor overbelast. Controleer de schaafbeitels
regelmatig op slijtage of beschadiging. Afhankelijk van de
toestand van de schaafbeitel moet deze worden
vervangen.
DEMONTAGE SCHAAFBEITEL (AFB. 2)
Gebruik de meegeleverde sleutel (accessoire). Draai
met de sleutel eerst de drie klemschroeven (6) los en
verwijder de schaafbeitel (2), de beiteldrager (2) en de
beitelhouder (4) uit de draagas (1).
MONTAGE SCHAAFBEITEL (AFB. 2)
Neem de nieuwe schaafbeitel (3) en plaats hem tussen
beitelhouder (4) en beiteldrager (2). Draai vervolgens de
klemschroeven (6) zo ver mogelijk in de beitelhouders,
maar doe dat niet zo ver, dat de beitel en de beiteldrager
weer van de beitelhouder los raken. Daarna legt u de
schaafbeitel, de beiteldrager en beitelhouder samen in
de draagas. Beitelhouder, beitel en beiteldrager worden
nu tezamen in de draagas bevestigd, door de
klemschroeven met de sleutel los te draaien en zo beitel,
beitelhouder en beiteldrager vast te klemmen.
ATTENTIE:
Klemschroeven zo ver mogelijk los draaien, opdat
voldoende bevestiging gegarandeerd is.
PAS OP!
1. Bij montage en demontage van de beitel dient erop
gelet te worden, dat alle delen (beitels, beiteldragers,
beitelhouders en draagas) schoon zijn. Vuil en
eventueel aanwezige vuillagen dienen te worden
verwijderd.
2. De zeskantschroeven (5) zijn beveiligd met een
kleefstof. Deze schroeven mogen niet worden
verdraaid. Alleen de fabrikant mag de positie van
deze schroeven wijzigen!
Controleer regelmatig of de klemschroeven vast
genoeg zitten. Draai de schroeven altijd vast aan.
VERVANGEN VAN DE KOOLBORSTELS
De koolborstels kunnen na veelvuldig gebruik versleten
zijn. Een regelmatige controle om de 100 bedrijfsuren is
derhalve noodzakelijk. Als de koolborstels korter zijn
dan 4 mm, moeten ze door nieuwe worden vervangen.
- Verwijder de afdekkap rechts.
- Neem de koolborstels er uit en controleer deze.
- Plaats de koolborstels weer terug.
- Zet de twee schroeven weer op hun plaats en draai
ze goed vast.
OPSPOREN EN VERHELPEN
VAN FOUTEN
1. De aan-/uit-schakelaar staat in de 'aan'-stand,
maar de motor functioneert niet.
- Circuit onderbroken.
Laat de motor repareren.
- Draden in de stekker of in het stopcontact zitten los.
Laat het stopcontact en de stekker controleren resp.
repareren.
- Schakelaar defect.
Laat de schakelaar verwisselen.
2. De aan-/uit-schakelaar staat in de 'aan'-stand,
maar er zijn afwijkende geluiden hoorbaar, de
motor werkt niet of slechts zeer langzaam.
- Schakelaarcontact doorgebrand.
Laat de schakelaar vervangen.
- Component geblokkeerd.
Laat het elektrisch apparaat controleren resp.
repareren.
- Te veel schaafkracht, daardoor wordt de motor
geremd.
Gebruik tijdens de werkzaamheden minder kracht.
3. De motor wordt heet.
Er zitten verontreinigingen in de motor.
Laat de verontreinigingen verwijderen.
Geen of vervuild smeervet.
Laat smeervet aanbrengen resp. vervangen.
- Belasting te hoog.
Gebruik tijdens de werkzaamheden minder kracht.
- Schaafbeitel stomp.
Vervang de schaafbeitel.
4. De motor werkt, maar de schaafbeitel doet
het niet.
- V-riem versleten.
Laat de V-riem vervangen.
5. Vaak voorkomende of sterke vonkvorming
bij de collector.
- Kortsluiting in het anker.
Laat het anker vervangen.
- Koolborstels versleten of vastgeklemd.
Laat de koolborstels controleren.
- Niet ronde loop van de collector.
Laat het collectorenoppervlak reinigen resp. slijpen.
Verwijder voor uw eigen veiligheid nooit onderdelen of
accessoires van het elektrisch gereedschap tijdens het
gebruik. Laat het elektrisch gereedschap bij sto-ringen
en beschadigingen uitsluitend door een erkende
werkplaats of door de fabrikant repareren.
PAS OP!
Gebruik uitsluitend originele reserve-onderdelen en
uitsluitend originele schaafbeitels!
12 Ferm