9
5. Selecteer TITELBERICHT om te wisselen tussen de Titel en Bericht‐invoerschermen.
U kan meerdere tekstregels invoeren door de
TITELBERICHT toets of de op de #1 toets te gebruiken (verschilt
van model tot model).
TIP: Indien u meerdere tekstregels invoert, is het aangeraden af en toe
Klaar te selecteren zodat uw
bericht opgeslaan wordt en het niet verloren gaat bij stroomonderbrekingen of wanneer u het
invoeren onderbreekt.
6. Selecteer
STIJL1234 om een achtergrond te selecteren die goed bij uw begroeting past.
Stijl1Standaard–Blauwmeteenboekrol(ofuwgepersonaliseerdefoto–zieGepersonaliseerdeAchtergrondsafbeelding
Toewijzenoppagina9)
Stijl2–Ballonnen
Stijl3 – Cadeaumetgoudenlint
Stijl4–Rozen
7. Selecteer BEKIJKEN om uw begroeting te bekijken en druk vervolgens op
om terug te gaan naar het
toetsenbordscherm.
8. Als u tevreden bent met uw begroeting, kan u
Klaar selecteren om op te slaan.
GepersonaliseerdeAchtergrondsafbeeldingToewijzen
U kan uw persoonlijke begroeting nog mooier maken door één van uw eigen foto’s toe te wijzen als achtergrond.
1. Selecteer de foto die u als achtergrond wilt gebruiken, geef het de precieze naam showme.jpg.
BELANGRIJK: showme.jpg moet een standaard JPG zijn en mag niet in een progressief formaat zijn.
2. Kopieer uw showme.jpg bestand naar de hoofdfolder van het interne geheugen van de DFL. Gebruik de
instructies van DFL naar PC – USB Aansluiting (pagina Error! Bookmark not defined.) om het bestand naar
de rootfolder te kopiëren (niet naar de Fotofolder kopiëren).
3. Volg stappen 1-6 onder BegroetingInvoeren (hierboven) en selecteer de Standaard stijl.
4. Uw begroeting zal nu uw eigen foto als achtergrond laten zien.
5. Selecteer
BEKIJKEN om uw begroeting te bekijken, en druk vervolgens op
om terug te gaan naar het
toetsenbordscherm.
6. Als u tevreden bent met uw begroeting, kan u Klaar selecteren om op te slaan.
FOTO’S
De FOTO functie bevat veel functies voor het optimaliseren en gepersonaliseerd instellen van uw weergavevoorkeur. U
kan uw foto’s individueel of in slideshows bekijken. Dankzij de optionele functies kan u de huidige tijd laten weergeven bij
uw afbeeldingen, de datum/tijd van het fotobestand laten weergeven, de schermkleuren aanpassen, slideshowovergangen
kiezen en zelfs een planning maken voor de slideshows, naargelang uw wekelijkse agenda.
Fotothumbnails
1. Selecteer in het HOME scherm de toets FOTO’S-Beheren.
2. Gebruik
om door de individuele foto’s te scrollen, of gebruik de
PaginaOmhoog/Pagina
Omlaag
pijltjes om door volledige pagina’s te bladeren.
3. Bekijk een individuele foto op het volledige scherm door op
op de gemarkeerde foto te drukken.
4. U kan tijdens de fotoweergave
gebruiken om de volgende/vorige foto’s te bekijken.
IndividueleFoto’sBekijkentijdenseenSlideshow
1. Wanneer de gewenste foto wordt weergegeven, kan u op drukken om de slideshow te pauzeren.
2. De foto zal ca. 60 seconden worden weergegeven en vervolgens wordt de slideshow automatisch hervat. U kan
ook op
of op SLIDESHOW drukken om de slideshow te hervatten.