80
OPMERKING: Gebruik in geen geval speciaal
antiroestmiddel, schuurmiddel of krassende
sponzen/borstels.
OPMERKING: Bij het handmatig of in de
vaatwasmachine reinigen van de onderde-
len moet u letten op de juiste dosering van
het afwasmiddel en het eventuele desin-
fecteermiddel. De inwerktijd en de gekozen
temperatuur zijn doorslaggevend voor het
reinigingsresultaat.
Tussenreiniging
Reinig tijdens het gebruik met regelmatige tus-
senpozen (elke 1 tot 2 uur) het spuitmondje voor
garneren. Schroef hiertoe het spuitmondje voor
garneren van de fles af of houd het spuitmondje
onder de kraan terwijl dit nog op de fles zit.
Snelle reiniging
1. Bedien de hendel tot het apparaat helemaal
leeg is en er geen druk meer op staat. Schroef
de kop van de fles.
2. Vul het apparaat met warm water
(afhankelijk van het vulvolume 0,5 of 1 liter).
3. Plaats aan de hand van de instructies voor
ingebruikname, stap 5 tot en met 9,
1 iSi-slagroomcapsule in het apparaat.
4. Duw de hendel tot aan de hendel en laat het
iSi-apparaat volledig leegstromen (houd het
apparaat hierbij ondersteboven), zodat alle
druk van het apparaat is.
5. Voer vervolgens een grondige reiniging uit.
OPMERKING: De beschreven snelle reiniging
vormt géén vervanging voor een grondige
reiniging.
Desinfecteren
Alle productonderdelen die in contact komen
met ingrediënten, kunnen op de gebruikelijke
wijze worden gereinigd en vervolgens gedesin-
fecteerd. Gebruik hiervoor gewone, in de handel
verkrijgbare schoonmaak- en desinfecteermid-
delen. Houd u aan de gebruiksaanwijzing van
deze middelen.