82 NL/BE
Vonken schieten
omhoog in plaats
van omlaag door
het materiaal?
Branderhuls
8c
doorboort het
materiaal niet.
Branderhuls
8c
te ver verwijderd
van het materiaal.
Materiaal werd vermoedelijk
niet correct geaard.
Hefsnelheid is te snel.
Verhoog de stroomsterkte.
Verklein de afstand van de
branderhuls
8c
ten
opzichte van het materiaal.
Controleer de verbindingen
op correcte aarding.
Verminder de snelheid.
Begonnen snede,
maar niet volledig
doorboord?
Mogelijk verbindingsprobleem. Controleer alle
verbindingen.
Slakvorming aan
sneden?
Gereedschap/materiaal bouwt
warmte op.
Snijsnelheid is te gering of
stroomsterkte is te hoog.
Versleten individuele
plasmabranderdelen
8b
,
8c
,
8d
.
Laat het materiaal
afkoelen en ga dan verder
met snijden.
Verhoog de snelheid
en/of verminder de
stroomsterkte, tot de slak
tot een minimum wordt
gereduceerd.
Controleer en vervang
versleten delen.
Boog stopt tijdens
het snijden?
Snijsnelheid is te laag.
Plasmabrander
8
wordt te
hoog en te ver van het
materiaal gehouden.
Versleten individuele
plasmabranderdelen
8b
,
8c
,
8d
.
Werkstuk is niet meer met
aardingskabel verbonden.
Verhoog de snijsnelheid tot
het probleem is opgelost.
Laat de plasmabrander
8
zakken tot de aanbevolen
hoogte.
Controleer en vervang
versleten delen.
Controleer de verbindingen.
Onvoldoende
doordringing?
Snijsnelheid is te snel.
Metaal is te dik.
Versleten individuele
plasmabranderdelen
8b
,
8c
,
8d
.
Vertraag de werksnelheid.
Meerdere
uitvoeringsprocessen zijn
nodig.
Controleer en vervang
versleten delen.