34
HTTP-server
URL: URL voor het uploaden van bestanden.
Gebruikersnaam: Bestaande gebruikersnaam voor de externe HTTP-server.
Wachtwoord: Bestaand wachtwoord voor de externe e-mail server.
Na het invoeren van de servergegevens kan met de knop "Test" de verbinding met de server worden
getest. Het resultaat wordt in een apart venster getoond.
Gebeurtenis
Gebeurtenisnaam: Een
duidelijke naam voor de
gebeurtenis.
Gebeurtenis actief: Vinkje
plaatsen om de gebeurtenis
te activeren.
Prioriteit: Gebeurtenissen
met een hogere prioriteit
worden met voorrang
uitgevoerd.
Volgende gebeurtenis
detecteren na xx
seconden vóór detectie
wan de volgende
gebeurtenis: Vóór afloop
van deze tijd wordt er geen
nieuwe gebeurtenis
geregistreerd, onafhankelijk
van wat er door de digitale
ingang wordt gedetecteerd.
Een gebeurtenis kan op 3
verschillende manieren worden geactiveerd:
Bewegingsherkenning: Kies het venster waarin de beweging moet worden herkend.
Periodiek: Een gebeurtenis wordt met een bepaald interval geactiveerd (eenheid in seconden).
Systeem herstarten: Een gebeurtenis wordt geactiveerd door een herstart van het systeem.
Gebeurtenis tijdschema
“Zo” ~ “Za” : Kies de dag van de week voor de uitvoering van een gebeurtenis.
„Altijd“ : Activeert de gebeurtenis op elk moment.
„Van ~ tot“ : De gebeurtenis is in tijd beperkt.
Actie
Server [naam]: Het bestand wordt naar een bepaalde server verzonden (bv. er wordt een
momentopname naar een e-mail adres verzonden).