97
2023_001
NL
10.9 Afgedichte componenten
● Koppel de stroomtoevoer naar afgedichte
componenten los voordat deze worden geopend.
Als het werk vereist dat de stroom ingeschakeld blijft,
moet er op de meest kritieke punten een
lekdetectiesysteem aanwezig zijn om onmiddellijk een
alarm te activeren als er een risicosituatie ontstaat.
● Wees voorzichtig bij het werken met elektrische
componenten en zorg dat de behuizingen,
doorvoerhulzen etc. niet beschadigt raken om de
beschermingsgraad te behouden.
● Let op beschadigde kabels, aansluitingen die afwijken
van de originele versie, beschadigde afdichtingen en
doorvoerhulzen etc.
● Controleer of de elektrische componenten stevig op hun
plaats zitten en correct zijn aangesloten.
● Controleer of afdichtingen en afdichtingsmiddelen geen
tekenen van vermoeidheid of andere schade vertonen,
anders zullen deze niet in staat zijn de ontvlambare
atmosfeer af te dichten. Vervangende onderdelen moeten
overeenkomen met de specificaties van de fabrikant.
Opmerking! Siliconen afdichtingsmiddel kan de
gevoeligheid van sommige soorten lekdetectiesystemen
verminderen. Intrinsiek veilige componenten hoeven niet
te worden geïsoleerd voordat eraan wordt gewerkt.
10.10 Reparatie van intrinsiek veilige
componenten
● Sluit geen inductieve of capacitieve belastingen aan op
het circuit zonder eerst te controleren of dit de maximale
spanning of stroom naar het product niet overschrijdt.
● De intrinsiek veilige componenten zijn de enige
componenten waaraan onder spanning in een brandbare
atmosfeer kan worden gewerkt.
● Controleer of alle test- en meetapparatuur het juiste
meetbereik en de juiste specificaties heeft.
● Gebruik alleen door de fabrikant aanbevolen
reserveonderdelen. Het gebruik van andere
reserveonderdelen kan leiden tot een risico op
persoonlijk letsel.
10.11 Bedrading
● Controleer of kabels niet zijn blootgesteld aan slijtage,
corrosie, beknelling, trillingen, scherpe randen of
andere beschadigingen. Houd rekening met andere
langetermijneecten van normale materiaalmoeheid
of voortdurende trillingen veroorzaakt door
compressoren of ventilatoren.
10.12 Lekdetectie – brandbaar
● Potentiële ontstekingsbronnen mogen in geen geval
worden gebruikt om lekkages in koudemiddelcircuits op
te sporen.
● Gebruik geen lekdetectieapparatuur met open vuur.
10.13 Lekdetectie
Voor producten met brandbaar koudemiddel kunnen de
volgende lekdetectiemethoden worden gebruikt:
10.13.1 Elektronische lekdetectoren
● De gevoeligheid van elektrische lekdetectoren kan
onvoldoende zijn en deze moeten mogelijk opnieuw
worden gekalibreerd.
● Kalibratie van lekdetectieapparatuur moet worden
uitgevoerd in een koudemiddelvrije omgeving.
● Zorg dat de lekdetectieapparatuur geschikt is voor het
gebruikte koudemiddel en dat dit geen potentiële
ontstekingsbron is.
● De lekdetectieapparatuur moet worden ingesteld op een
geschikt percentage (max. 25%) van de onderste
ontvlambaarheidsgrens (LFL) en moet worden
gekalibreerd voor het gebruikte koudemiddel.
10.13.2 Lekdetectievloeistof
● Gebruik geen schoonmaakmiddelen die chloor bevatten.
Chloor kan reageren met het koudemiddel en de koperen
leidingen aantasten.
● Doof of verwijder al het open vuur als lekkage wordt
vermoed.
● Als er koudemiddellekkage wordt gedetecteerd die
hardsolderen vereist, tap dan al het koudemiddel uit het
systeem af en vang het op, of isoleer (met afsluiters) een
deel van het systeem op een veilige afstand van de
lekkage. Spoel het systeem zowel voor als tijdens de
soldeerwerkzaamheden door met zuurstofvrije stikstof
(OFN).
10.14 Demonteren en legen van het
koudemiddelcircuit
Waarschuwing! Brandgevaar. Er moeten vaste
procedures worden gevolgd als het koudemiddelcircuit
moet worden geopend voor reparatie of andere doeleinden.
Waarschuwing! Gebruik geen perslucht of zuurstof
om het systeem door te spoelen.