NeDerLaNDS 11
N
E
D
vragen omtrent gereedschap of als u hulp nodig
hebtbijhetzoekenvanhulpstukken.
Borstels
De AS170 is voorzien van zelfuitschakelende
borstels.Wanneerdeborstelszijnafgesletentot
minder dan de minimale lengte, stopt het werktuig
om inwendige motorbeschadiging te voorkomen.
Neem voor vervangende borstels contact op met
uwlokaledealerofuwerkendonderhoudsbedrijf.
7.2 V Aandrijfriem en riemschijven
VOORZICHTIG: De spanning van de V-riem moet
na de eerste 5 gebruiksuren opnieuw worden
ingesteld.Erwordteenreserve-riembijditapparaat
geleverd. De V-riem is ontworpen als zekering/
koppeling ter bescherming van het product als de
zaagbladen vast komen te zitten.
Dezeonderdelenzijnbereikbaardoorde4
bevestigingsschroeven van de kunststof afdekkap
aanderechterkantvanhetapparaatteverwijderen
(zieg.15).Controleerofdeaandrijfriemdejuiste
spanning heeft en of deze tekenen van schade
vertoont. Als de riem moet worden gespannen,
dient de spanrol te worden losgedraaid (slechts
één slag). Schuif de spanrol naar buiten om de
riemspanning te vergroten tot de waarde die wordt
vermeldindeAlgemeneSpecicatiesinHoofdstuk
3 en zet deze weer vast. Als de riem moet worden
vervangen, draai dan de spanrol los, vervang
de riem en zet daarna de spanrol volgens de
specicatiesvast.
Spanrol
Kap
Fig.14
Alsersprakeisvanbuitensporigslippenzijnde
riemschijvenwellichtversleten.Eengroefdie
inplaatsvandegoedzichtbare“V”-vormeen
afgeronde of afgeplatte vorm heeft, duidt op een
versletenriemschijf.Neemvoordevervanging
vanderiemschijvencontactmeteenerkend
onderhoudsbedrijfvanARBORTECH.
7.3 Bevestigingsbouten zaagblad en
schroefdraad
Controleer regelmatig of de kapschroeven van de
zaagbladenhetjuisteaanhaalmomenthebben
(18Nm of 11,5 ft lb). Als de bladen worden
vervangen, moet worden gecontroleerd of de bout
endeschroefdraadvandeaandrijfstangenzijn
versletenofzijngevuldmetvuil.Gebruikuitsluitend
originele ARBORTECH-vervangingsonderdelen en
breng geen vet of olie aan op oppervlakken die
in contact komen met bouten, schroefdraden of
aandrijfstangen.
Fig.15
VOORZICHTIG: Het gereedschap mag NIET
worden bediend als de zaagbladen los zitten.
Alsdezaagbladenloskomentezittentijdenshet
bedienen van het apparaat, kunnen bevestiging en
schroefdraden van het apparaat beschadigd raken.
7.4 Scherpte van de zaagtanden
Als gevolg van het gebruik worden de zaagbladen
bot en vermindert het zaagresultaat. Dit kan
grotendeels worden verholpen door de tanden te
slijpen.GebruikdeARBORTECHslijpschijf(BLA.
FG.SHARP001)omdetandenteslijpen.Afen
toe,tijdenshetzagenvanzeerhardmateriaal
of als de tanden onder een vreemde hoek in
aanraking komen met een hard oppervlak kunnen
ze beschadigd raken of afbreken. De zaagbladen
kunnen nog wel worden gebruikt, maar het
zaagresultaat vermindert.
Als de omtrek van het zaagblad ‘blauw’ wordt,
worden de zaagbladen te heet. Dit doet zich voor
als de bladen versleten raken, er teveel kracht
wordt uitgeoefend, onvoldoende heen-en-weer
gaande beweging door de gebruiker of er sprake is
van te hard materiaal.
BELANGRIJK Om een optimale prestatie te
verzekeren en de motorbelasting te verminderen
moeten de zaagbladen scherp worden gehouden.
8. HULPSTUKKEN