68
het brood een mooie bruine korst
krijgt. De toegevoegde hoeveelheid
melk moet van de in het recept aan-
gegeven hoeveelheid water worden
afgetrokken.
Opmerking: nooit melk of melk-
producten gebruiken, wanneer de
timerfunctie moet worden gebruikt,
aangezien melkproducten ongekoeld
snel kunnen bederven.
• Kant-en-klare broodmixen met gist
Bij kant-en-klare broodmixen die
gist bevatten, moet slechts water
aan de mix worden toegevoegd, het
programma 1 (‘Standard (Standaard)’)
selecteren en een broodmaat over-
eenkomstig de hoeveelheid van de
broodmix aangeven. Het gistgehalte
in dergelijke kant-en-klare brood-
mixen varieert vaak, daarom kan het
bakresultaat verschillend uitvallen.
• Kant-en-klare broodmixen zonder
gist
Als eerste de gist in de bakvorm
doen, vervolgens de broodmix en
als laatste het water. Een programma
selecteren dat overeenkomt met het
meeltype van de broodmix.
Deeg bereiden
• Erop letten dat alle ingrediënten
kamertemperatuur hebben (uitzon-
dering: bij de programma’s ‘Schnel-
les Backen (snel bakken)’ en ‘Extra
schnelles Backen (extra snel bakken)’
mag het toegevoegde water een
beetje warmer zijn).
• Gebruik droge gist, aangezien deze
eenvoudiger in het gebruik is en
meer garantie op succes biedt.
• Houd er rekening mee dat rogge-
meel niet dezelfde bakeigenschap-
pen bezit als tarwemeel. Deeg uit
roggemeel rijst zonder voldoende
rijsmiddelen niet erg veel. Voor
goede bakresultaten moet bij het
maken van roggebroden een meng-
sel uit minimaal 30% tarwemeel en
maximaal 70% roggemeel worden
gebruikt.
Ingrediënten afmeten
Bij het broodbakken is het belangrijk
dat de aanduidingen ten aanzien van de
hoeveelheden in de recepten worden
aangehouden en correct worden afge-
meten. Voor het afmeten van de ingre-
diënten de meegeleverde maatbeker en
maatlepel gebruiken. Bij de maatlepel
altijd ‘afgestreken’ en niet ‘volle’ maatle-
pels afmeten. Voor het afmeten van bo-
ter, meel etc. een weegschaal gebruiken.
Volgorde van de ingrediënten
De volgorde waarin de ingrediënten in
de bakvorm worden gedaan, is belang-
rijk voor het gistingsproces, zodat het
brood kan rijzen.
1. Als eerste water of melk in de bak-
vorm doen.
2. Vervolgens het meel toevoegen.
3. In een hoekje een klein kuiltje in het
meel drukken, het zout erbij doen en
het kuiltje met meel weer toedekken.
4. In de tegenoverliggende hoek even-
eens een kuiltje in het meel drukken,
de gist erbij doen en weer toedek-
ken.
Opmerking: zout en gist mogen
niet direct aan het begin met elkaar
worden vermengd. Vermengt het
zout zich te vroeg met de gist, dan
kan dit negatieve gevolgen hebben
voor de gistingseigenschappen van
het brood.
5. Klontjes boter of olie toevoegen.
6. Als laatste een snufje suiker toevoe-
gen.
01383_Inlay_DE-EN-FR-NL_A5_V1_1.indb 6801383_Inlay_DE-EN-FR-NL_A5_V1_1.indb 68 30.04.2020 14:40:1130.04.2020 14:40:11