• Kies het inzetgereedschap in overeenstemming met
het te bewerken materiaal.
• De zaagtafel moet juist gemonteerd zijn.
• Stel het product stabiel op.
• Voor ingebruikname moeten alle afdekkingen en vei-
ligheidsvoorzieningen conform de voorschriften zijn
gemonteerd. Beschadigde of onleesbare stickers
moeten worden vervangen.
• Controleer of de bewegende delen probleemloos
functioneren en niet vastklemmen of onderdelen be-
schadigd zijn. Alle onderdelen moeten juist zijn ge-
monteerd en aan alle voorwaarden voldoen om het
probleemloos gebruik van het elektrisch gereedschap
te kunnen waarborgen.
• Let bij al bewerkt hout op vreemde voorwerpen, zoals
bijv. spijkers of schroeven enz.
• Let op de draairichting van het inzetgereedschap.
9.1 Product in-/uitschakelen (afb. 1, 12)
Zorg ervoor dat beide veiligheidsschakelaars (11a) op de
deuren van de behuizing (11) goed vastklikken.
Inschakelen
1. Steek de voedingsstekker in een correct gezekerd
stopcontact.
2. Druk op de aan/uit-schakelaar (12) met het label "I"
om het product in te schakelen.
Uitschakelen
1. Druk op de aan/uit-schakelaar (12) met het label "0"
om het product in te schakelen.
2. Trek de voedingsstekker uit het stopcontact als het
product niet in gebruik is.
9.2 Parallelaanslag (20) (afb. 13)
Opmerking:
De parallelaanslag kan links of rechts van het lintzaag-
blad gemonteerd worden.
1. Druk de klembeugel (20a) van de parallelle aanslag
(20) omhoog.
2. Plaats de parallelle aanslag (20) eerst op de achter-
kant van de zaagtafel (7) en druk de parallelaanslag
(20) vervolgens naar beneden.
3. Verplaats de parallelaanslag (20) en stel deze in op
de gewenste maat.
4. Druk de klembeugel (20a) naar beneden om de paral-
lelaanslag(20) vast te zetten.
Om de klemkracht van de klembeugel (20a) te verho-
gen, draait u deze rechtsom totdat de parallelaanslag
(20) voldoende gefixeerd is.
5. Zorg ervoor dat de parallelaanslag (20) altijd parallel
aan het lintzaagblad (17) loopt.
9.3 Afschuiningsaanslag (19) (afb. 1,
14)
1. Schuif de afschuiningsaanslag (19) in de groef van de
zaagtafel (7).
2. Draai de kartelmoer (19a) los.
3. Draai de afschuiningsaanslag (19) tot de gewenste
hoek is ingesteld.
De pijl op de afschuiningsaanslag (19) geeft de inge-
stelde hoek aan.
4. Draai de kartelmoer (19a) weer vast.
9.4 Versteksneden (afb. 14, 15)
Om versteksneden parallel ten opzichte van het lintzaag-
blad (17) te kunnen uitvoeren, is het mogelijk om de
zaagtafel (7) van 0° - 45° te kantelen.
1. Draai de vleugelmoer (22) en de borghendel (23) los.
2. Kantel de zaagtafel (7) naar voren totdat de gewenste
hoek is ingesteld op de gradenschaal (15).
3. Draai de vleugelmoer (22) en de borghendel (23) vast.
LET OP
Als de zaagtafel gekanteld is, moet de parallelaanslag
rechts van het lintzaagblad bevestigd worden. Het weg-
glijden van het werkstuk wordt zo verhinderd.
10 Werkinstructies
De volgende veilige werkinstructies worden als bijdragen
aan de veiligheid beschouwd, kunnen echter niet voor elk
gebruik geheel op maat zijn, volledig zijn of worden toe-
gepast. Deze adviezen kunnen niet alle mogelijke, ge-
vaarlijke omstandigheden behandelen en moeten zorgvul-
dig worden geïnterpreteerd.
• Gevaar voor de gezondheid door houtstof of houts-
paanders. Draag absoluut persoonlijke veiligheidsuit-
rusting zoals oogbescherming. Afzuiginstallatie plaat-
sen!
• Als het product niet in gebruik is, bijvoorbeeld aan het
einde van het werk, moet u het lintzaagblad verslap-
pen. Breng een overeenkomstige aanwijzing voor het
spannen van de zaagblad op het product aan voor de
volgende gebruiker.
• Bewaar niet gebruikte zaagbanden bij elkaar en veilig
op een droge plek. Controleer voor gebruik op defec-
ten zoals tanden of scheuren. Gebruik geen defecte
zaagbanden!
WAARSCHUWING
Inzetstukken kunnen scherp zijn en tijdens het gebruik
heet worden. Draag altijd veiligheidshandschoenen, als
u met inzetgereedschap werkt.
• Controleer afdekkingen en veiligheidsvoorzieningen
op beschadigingen en kijk of ze goed zitten. Vervang
ze indien nodig.
• Draag gehoorbescherming en een veiligheidsbril zo-
lang u het apparaat gebruikt.
• Draag geschikte kleding. Draag geen wijde kleding
of sieraden. Houd haren en kleding uit de buurt
van bewegende delen. Loszittende kleding, sieraden
of lange haren kunnen worden vastgegrepen door be-
wegende delen.
• Tijdens werkzaamheden de zaagbladgeleiding altijd
zo dicht mogelijk tegen het werkstuk plaatsen.
• Werk alleen bij daglicht of bij geschikt kunstlicht.
76 | NL www.scheppach.com