Probleem Oorzaak Remedie
De ingrediën-
ten zijn niet
gemengd of het
brood is niet
goed gebakken.
Onjuiste program-
ma-instelling.
Controleer het gekozen
menu en de andere instel-
lingen.
De
START/
STOPP toets werd
aangeraakt terwijl
de machine in
werking was.
Gebruik de ingrediënten
niet en begin opnieuw.
Het deksel werd
verschillende
keren geopend
terwijl de brood-
machine in wer-
king was.
Open het deksel niet na
de laatste keer rijzen (als
tenminste “1:30” op het
scherm wordt weergege-
ven). Zorg ervoor dat het
deksel goed wordt gesloten
na het openen.
Langdurige
stroomuitval terwijl
de machine in
werking was.
Gebruik de ingrediënten
niet en begin opnieuw.
Het draaien van
de kneedhaak is
geblokkeerd.
Controleer of de kneed-
haak is geblokkeerd door
granen enz. Haal het
bakblik uit de machine en
controleer of de aandrijfas
draait. Als dit niet het geval
is, neem dan contact op
met de klantenservice.
Het apparaat
start niet. Het
scherm toont:
“H:HH”.
Het apparaat is
nog heet na de
laatste bakcyclus.
Druk de
START/STOP
toets en houd hem 10
seconden vast totdat de
basisinstelling (“1 3:20”)
op het scherm verschijnt.
Verwijder het bakblik en
laat het apparaat afkoe-
len. Plaats dan het bakblik
terug, stel het programma
opnieuw in en start op-
nieuw.
Vergissingen met de recepten
Probleem Oorzaak
Reme-
die
Het brood
rijst te snel.
Te veel gist, te veel bloem, niet genoeg
zout, of verschillende van deze oorzaken.
a/b
Het brood rijst
totaal niet of
niet genoeg.
Helemaal geen gist of te weinig gist. a/b
Oude gist. d
Vloeistof te heet. c
De gist is in contact gekomen met de
vloeistof.
d
Verkeerde soort bloem of oude bloem. d
Te veel of niet genoeg vloeistof. a/b/g
Niet genoeg suiker. a/b
Probleem Oorzaak
Reme-
die
Het deeg rijst
te veel en
stroomt over
het bakblik.
Als het water te zacht is, fermenteert de
gist meer.
f/k
Te veel melk beïnvloedt het fermenteren
van de gist.
c
Het brood
zakt in het
midden in.
Het deegvolume is groter dan het bakblik
kan bevatten en het brood zakt in.
a/f
Het fermenteren was te kort of te snel, als
gevolg van te hoge temperatuur van het
water of de bakruimte, of als gevolg van
te hoge vochtigheid. Het deeg rijst te snel
door warme vloeistoffen en zakt in het
midden in vóór het bakken.
c/h/i
Helemaal geen zout of te weinig zout. a/b
Te veel vloeistof. h
Zware,
klontachtige
structuur.
Te veel bloem of niet genoeg vloeistof. a/b/g
Niet genoeg gist of suiker. a/b
Te veel fruit, volkoren of één van de
andere ingrediënten.
b
Oude bloem. d
Het brood is
in het midden
niet gaar.
Te veel of niet genoeg vloeistof. a/b/g
Te hoge vochtigheid. h
Recept met vochtige ingrediënten zoals
yoghurt.
g
Open of ruwe
structuur of te
veel gaten.
Te veel water. g
Geen zout. b
Hoge vochtigheid, water te heet. h/i
Te veel vloeistof. c
Paddens-
toelachtig,
ongaar op-
pervlak.
Broodvolume te groot voor het bakblik. a/f
Te veel bloem, in het bijzonder voor
witbrood.
f
Te veel gist of niet genoeg zout. a/b
Te veel suiker. a/b
Zoete ingrediënten behalve suiker. b
De sneden
van het brood
zijn ongelijk
of klonterig.
Het brood is niet genoeg afgekoeld (de
damp is niet ontsnapt).
j
Bloemafzet-
ting op de
korst van het
brood.
Tijdens het kneden werd de bloem niet
goed bewerkt aan de zijkant.
g/i
Oplossingen voor de problemen
a) Meet de ingrediënten goed af.
b) Pas de hoeveelheid ingrediënten aan en controleer dat alle
ingrediënten zijn toegevoegd.
c) Gebruik andere vloeistof of laat het afkoelen tot kamertempe-
ratuur. Voeg de ingrediënten die in het recept gespeciceerd
worden in de juiste volgorde toe. Maak een kuiltje in het mid-
den van de bloem en doe de verkruimelde of droge gist erin.
Voorkom dat de gist en de vloeistof in direct contact komen
met elkaar.
d) Gebruik uitsluitend verse en goed bewaarde ingrediënten.
e) Reduceer de totale hoeveelheid van de ingrediënten, gebruik