112
MONTEREN
Richtlijnen voor montage van zadel: Uitleg voor de montage van de trappers:
6 Nm
1
2
3
1
2
3
L
R
LEFT
1. Steek de zadelpen in de zadelbuis. Pas de hoogte aan; afhankelijk van uw lengte:
Om dit te bepalen, gaat u op de ets zitten met de hiel op het pedaal in de lage positie. De crankarm
moet evenwijdig zijn aan de zadelpen. Wanneer uw been bijna gerekt is met een lichte buiging in de
knie, is de zadelhoogte correct.
2. De minimale ineekmarkering van de zadelbuis mag nooit zichtbaar zijn.
3. Draai uw zadelpen va op uw frame met het aanbevolen aanhaalmoment.
4. Raadpleeg het gedeelte MONTAGE van deze handleiding.
De ets is uitgeru met een rechterpedaal (aangegeven met R of rechts) en een linkerpedaal
(aangegeven met L of links).
Voordat u de pedalen op de ets monteert, moet u wat vet op de schroefdraad van de pedalen
smeren.
Schroef het rechterpedaal met de klok mee op de rechtercrank (kettingzijde).
Het linkerpedaal wordt tegen de klok in op de linkercrank geschroefd.
Inalleer het voorwiel van de ets in de vork en draai de moeren va met het aanbevolen koppel.
Om een goede beveiging van het uur, de uurpen, het zadel, de zadelpen en de wielen te garanderen, wordt aanbevolen geschikt gereedschap te gebruiken en klemkracht toe te passen in overeenem-
ming met specieke aanhaalmomenten voor elk van de componenten (in Nm).
Raadpleeg het gedeelte AANDRAAIMOMENT ONDERDELEN van deze handleiding.
Controleer voordat u uw ets gebruikt of de slijtageonderdelen in goede aat verkeren, met name de velgen, remmen, banden, uurinrichting en transmissie van uw ets. In het geval van abnormale slijtage of
vervorming, dient u uw ets te laten controleren door een Decathlon-werkplaats.
Veiligheid en afelling van de remmen:
Controleer voor uw veiligheid de voor- en achterremmen vóór elk gebruik van uw ets. Ze moeten in perfecte aat verkeren.
• Controleer regelmatig alle rembeveigingen. Schijfremmen moeten regelmatig worden gecontroleerd. Neem in geval van een remvloeioek contact op met een Decathlon-werkplaats. Nieuwe schijfremmen hebben een inrijperiode nodig. De remkracht zal
geleidelijk toenemen naarmate deze periode verloopt. Houd rekening met deze toename bij het gebruik van de remmen tijdens deze inrijperiode.
• Controleer de kettingspanning regelmatig. Een ketting die niet rak genoeg is aangespannen, kan van de ets vallen en valpartijen veroorzaken. Een te rakke ketting heeft invloed op de preaties van de ets. De etsketting wordt automatisch gespannen
aangezien deze is voorzien van een kettingspanner.
• Controleer de wielen regelmatig. Kijk naar de slijtage-indicatoren als de velgen hiermee uitgeru zijn en vervang ze indien nodig. Zorg ervoor dat de wielen goed vazitten.
• Controleer de banden en de spanning regelmatig. De druk wordt aangegeven op de zijkant van de band en/of velg. Als de druk op zowel de velg als de band is aangegeven, pompt u de banden op met de maximale druk die op de velg is aangegeven,
onafhankelijk van de maximale druk die op de band is aangegeven. De velgen kunnen een andere en lagere maximale druk hebben dan de banden.
Zorg ervoor dat alle connectors van de ets goed zijn aangesloten en dat uw accu is opgeladen voordat u gaat rijden om te proteren van de elektrische ondereuning.