3.6.1
3.6.2
3.6.3
3.6.4
3.6.5
3.6.6
12
Indien een oortemperatuurmeting
uitgevoerd dient te worden bij personen met
hoorapparaten of oordopjes, is het
raadzaam, nadat ze uit het oor verwijderd
werden, ca. 30 minuten te wachten en pas
daarna een temperatuurmeting uit te
voeren.
Indien het toestel lang in de hand gehouden
werd, kan het meetresultaat vervalst worden
door de hierdoor ontstane opwarming van
het toestel.
Gelieve erop te letten dat bepaalde
omstandigheden de lichaamstemperatuur-
meting in het oor kunnen beïnvloeden,
bijvoorbeeld indien het oor bedekt was, na
het zwemmen of baden, indien het oor aan
bijzonderlijk hoge of lage temperaturen was
blootgesteld of indien men lange tijd op een
oor heeft gelegen.
Bepaalde omstandigheden kunnen
principieel de lichaamstemperatuur
beïnvloeden, zoals bijvoorbeeld de leeftijd,
kledij, buitentemperatuur, lichamelijke
activiteiten, individuele stofwisseling en de
tijd van de dag.
Zuigelingen en kleuters hebben een hogere
lichaamstemperatuur dan volwassenen.
Naarmate de leeftijd toeneemt, verlaagt de
lichaamstemperatuur. Temperatuur-
schommelingen zijn bij kinderen meestal
hoger en treden sneller en frequenter op.
Indien in een oor oordruppels of andere
medicijnen werden toegediend, moet de
lichaamstemperatuurmeting in het andere
oor uitgevoerd worden.
VEILIGHEIDSINSTRUCTIES
NL
1. PJN358-18_GA-NL_HHD_Ohrthermometer_DSO364_22.08.18
Mittwoch, 22. August 2018 11:31:51