69 NL
d) Controleer de gereedschapopnames vóór gebruik op schade en scheuren. Vervang
beschadigde of gescheurde gereedschapopnames direct.
e) Spaanders etc. worden niet automatisch verwijderd uit het werkgebied. Dit kan door
de verhoogde wrijving tot warmteontwikkeling en daardoor tot materiële schade en
schade aan het apparaat leiden. Schakel het apparaat daarom regelmatig uit en ver-
wijder de spaanders etc. van het werkstuk.
f) Laat het apparaat niet te lang op één punt werken. Dit kan leiden tot een sterke
warmteontwikkeling tot aan ontbranding van het werkstuk.
g) Voorkom dat apparaatonderdelen met brandbare materialen in contact kunnen ko-
men. Dit kan brand veroorzaken.
h) Schakel het apparaat bij schade / storingen direct uit en trek de netstekker uit de con-
tactdoos. Gebruik het apparaat niet verder. Neem contact op met de klantenservice.
i) Laat het apparaat nooit zonder toezicht, wanneer het is ingeschakeld of is aangeslo-
ten op het stroomnet. Trek bij langere werkpauzen alsook vóór alle onderhouds- en
reinigingswerkzaamheden en dergelijke aan het apparaat de netstekker uit de con-
tactdoos. Zo voorkomt u een onbedoeld starten van het apparaat.
j) Gebruik nooit beschadigde of verkeerde opnames omdat anders de bedrijfszeker-
heid en een optimale werking van het apparaat niet meer kan worden gegarandeerd.
k) Houd de handgreep en het greepvlak altijd droog, schoon en vetvrij zodat het appa-
raat tijdens het gebruik veilig en stevig kan worden vastgehouden.
l) Wanneer het apparaat in werking is moet u altijd bedacht zijn op een mogelijk blok-
keren van de gereedschapopname in het werkstuk en een daardoor veroorzaakt
verlies van de controle over het apparaat. Houd het apparaat daarom goed vast en
zorg ervoor dat u op elk moment de aan-/uitschakelaar kunt gebruiken.
m) Gevaar van intrekken! Bewerk nooit werkstukken waaraan zich koorden, touwen,
banden, snoeren of draden bevinden of die zulke materialen bevatten, en laat deze
nooit in het werkgebied liggen.
n) De schacht van de gereedschapopname moet precies overeenkomen met de grootte
van de spantang. Niet correct geplaatste gereedschapopnames lopen onregelmatig
en trillen overmatig zodat er controleverlies kan optreden.
o) Schakel het apparaat in en laat het een tijdje lopen voordat u een snede uitvoert.
Let op onregelmatig lopen van de gereedschapopname resp. op extra trillingen die
kunnen wijzen op een onvakkundig geplaatste gereedschapopname. Bij gebruik van
het apparaat met onjuist geplaatste gereedschapopname kunnen er zware verwon-
dingen optreden ten gevolge van controleverlies over het apparaat.
p) Schakel het apparaat nooit in, wanneer de gereedschapopname in contact komt met
het werkstuk.
q) Wees bewust van de draairichting van de frees en van de aanvoerrichting.
r) Zorg ervoor dat de kantenfreeseenheid altijd is gemonteerd wanneer het apparaat
wordt gebruikt om te frezen.
s) Let erop dat de ventilatiesleuven van het apparaat tijdens het gebruik niet zijn afge-
dekt.
t) Zorg ervoor dat de gereedschapopname volledig tot stilstand is gekomen voordat de
spantang wordt vastgezet.
u) Het maximale toerental van de gebruikte gereedschapopname mag niet lager zijn
dan het maximale toerental van het apparaat.
03906_de-gb-fr-nl_A5_V2.indb 6903906_de-gb-fr-nl_A5_V2.indb 69 18.08.2015 09:40:5418.08.2015 09:40:54