8.5 Zaagbladgeleiding instellen (afb. 1,
7)
Zowel de steunlagers (25+28) als de geleidepennen
(26+30) moeten voor de eerste ingebruikname en na elke
lintzaagbladwissel opnieuw worden afgesteld.
1. Open de deuren van de behuizing (11) door de deur-
vergrendeling (10) los te maken. Gebruik de platte
schroevendraaier (A).
8.5.1 Bovenste steunlager (25) (afb. 7a)
1. Draai de inbusbout (25a) van het bovenste steunlager
(25) los. Gebruik hiervoor de inbussleutel 3 mm (C).
2. Verplaats het bovenste steunlager (25) totdat het lint-
zaagblad (17) net niet meer wordt geraakt (max. af-
stand 0,5 mm).
3. Draai de inbusbout (25a) van het bovenste steunlager
(25) weer vast. Gebruik hiervoor de inbussleutel 3 mm
(C).
8.5.2 Afstellen van de bovenste
geleidepennen (26) (afb. 1, 7b)
1. Draai de inbusbouten (27a) van de bovenste opname-
houder (27) los. Gebruik hiervoor de inbussleutel 3
mm (C).
2. Verplaats de bovenste opnamehouder (27) totdat de
voorste rand van de geleidepennen (26) zich ca. 1
mm achter de tandbasis van het lintzaagblad (17) be-
vindt.
3. Draai de inbusbouten (27a) van het bovenste opna-
mehouder (27) weer vast. Gebruik hiervoor de inbus-
sleutel 3 mm (C).
LET OP
Het lintzaagblad wordt onbruikbaar als de tanden bij
een lopende lintzaagblad de geleidepennen aanraken.
4. Draai de inbusbouten (26a) van de bovenste geleide-
pennen (26) los. Gebruik hiervoor de inbussleutel 3
mm (C).
5. Schuif de bovenste geleidepennen (26) naar het lint-
zaagblad (17)!
LET OP
De afstand tussen de geleidepennen en het lintzaag-
blad mag niet groter zijn dan 0,5 mm. (Lintzaagblad
mag niet klemmen).
6. Draai de inbusbouten (26a) van het bovenste geleide-
pennen (26) weer vast. Gebruik hiervoor de inbus-
sleutel 3 mm (C).
7. Draai het bovenste bandwiel (2) een paar keer rechts-
om.
8. Controleer de instelling van de bovenste geleidepen-
nen (26) opnieuw en stel ze zo nodig opnieuw af.
9. Stel indien nodig de bovenste steunlager (25) op-
nieuw af (zie 8.5.1).
8.5.3 Stel de onderste opnamehouder (29)
af (afb. 1, 7d)
1. Zet de zaagtafel (7) 45° schuin.
2. Open de deuren van de behuizing (11) door de deur-
vergrendeling (10) los te maken. Gebruik de platte
schroevendraaier (A).
3. Draai de inbusbout (29a) van de onderste opname-
houder (29) los. Gebruik de 5 mm inbusbout (E) en de
steeksleutel SW 10/13 (B).
4. Verplaats de onderste opnamehouder (29) totdat de
voorste rand van de geleidepennen (30) zich ca. 1
mm achter de tandbasis van het lintzaagblad (17) be-
vindt.
5. Draai de inbusbouten (29a) van de onderste opname-
houder (29) weer vast. Gebruik de 5 mm inbusbout
(E) en de steeksleutel SW 10/13 (B).
6. Ga verder volgens de instructies in hoofdstuk 8.5.4.
8.5.4 Afstellen van de onderste steunlager
(afb. 1, 7c)
1. Draai de inbusbout (28a) van de onderste steunlager
(28) los. Gebruik hiervoor de inbussleutel 3 mm (C).
2. Verplaats het onderste steunlager (28) totdat het lint-
zaagblad (17) net niet meer wordt geraakt (max. af-
stand 0,5 mm).
3. Draai de inbusbouten (28a) van de onderste steunla-
ger (28) weer vast. Gebruik hiervoor de inbussleutel 3
mm (C).
4. Ga verder volgens de instructies in hoofdstuk 8.5.5.
8.5.5 Stel de onderste geleidepennen (30)
af (afb. 1, 7d)
LET OP
Het lintzaagblad wordt onbruikbaar als de tanden bij
een lopende lintzaagblad de geleidepennen aanraken.
1. Draai de twee inbusbouten (30a) van de onderste ge-
leidepennen (30) los. Gebruik hiervoor de inbussleutel
3 mm (C).
2. Schuif de geleidepennen (30) naar het lintzaagblad
(17).
LET OP
De afstand tussen de geleidepennen en het lintzaag-
blad mag niet groter zijn dan 0,5 mm. (Lintzaagblad
mag niet klemmen).
3. Draai de twee inbusbouten (30a) van de onderste ge-
leidepennen (30) weer vast. Gebruik hiervoor de in-
bussleutel 3 mm (C).
4. Draai het onderste bandwiel (8) een paar keer rechts-
om.
5. Controleer de instelling van de onderste geleidepen-
nen (30) opnieuw en stel ze zo nodig opnieuw af.
6. Stel indien nodig het onderste steunlager (28) op-
nieuw af zoals beschreven onder 8.5.4.
7. Zodra de afstelling voltooid is, sluit u de deuren van
de behuizing (11) weer en zet u de deurvergrendelin-
gen (10) vast. Gebruik de platte schroevendraaier (A).
74 | NL www.scheppach.com