23
5. ONDERHOUD EN INSPECTIE
5.1. Onderhoud
Controleer de watertoevoervoorziening en -vrijgave regelmatig. U dient de situatie
te voorkomen dat er geen water of lucht het systeem binnenstroomt, aangezien dit
van invloed is op de prestaties en betrouwbaarheid van de eenheid. U dient het
zwembad-/spa-filter regelmatig te reinigen om schade aan de eenheid als gevolg
van een vuil of verstopt filter te voorkomen.
Het gebied rond de eenheid moet droog, schoon en goed geventileerd zijn. Reinig
de warmtewisselaar aan de zijkant regelmatig om een goede warmteoverdracht te
garanderen en energie te besparen.
De bedrijfsdruk van het koelmiddelsysteem mag uitsluitend worden onderhouden
door een gecertificeerde monteur.
Controleer de voeding en de kabelaansluiting regelmatig. Mocht de eenheid een
abnormale werking beginnen te vertonen, dient deze te worden uitgeschakeld en
dient u contact op te nemen met een gekwalificeerde monteur.
Tap al het water uit de waterpomp en het watersysteem af, zodat bevriezing van
water in de pomp of het watersysteem niet mogelijk is. U dient het water aan de
onderzijde van de waterpomp af te tappen indien de eenheid gedurende een
langere periode niet wordt gebruikt. Controleer de eenheid grondig en vul het
systeem volledig met water voordat u dit voor het eerst gaat gebruiken na een
lange periode van uitschakeling.
5.2. Problemen oplossen
Temp. van aangevoerd water
Storing sensor
De temp. van aangevoerd water In de
sensor is sprake van een onderbreking
of kortsluiting
Controleer of vervang de
temperatuursensor aangevoerd water
Temp. van afgevoerd water
Storing sensor
In de temperatuursensor aangevoerd
water is sprake van een onderbreking of
kortsluiting
Controleer of vervang de
temperatuursensor aangevoerd water
Omgevingstemp. Storing sensor
In de omgevingstemperatuursensor is
sprake van een onderbreking of
kortsluiting
Controleer of vervang de
omgevingstemperatuur sensor
Leidingtemp. Storing sensor
In de leidingtemperatuursensor is sprake
van een onderbreking of kortsluiting
Controleer of vervang de leidingtemp.
sensor
Verdampertemp. Storing sensor
In de sensor verdampertemp. is sprake
van een onderbreking of kortsluiting
Controleer of vervang de
verdampertemperatuur sensor
De uitlaatdruk is hoog, activering
hogedrukschakelaar
Controleer hogedrukschakelaar en
koelvloeistofretourcircuit
De aanzuigdruk is laag, activering
lagedrukschakelaar
Controleer lagedrukschakelaar en
koelvloeistofretourcircuit
Storing stromingsschakelaar
Geen water of afvalwater in
watersysteem
Controleer of de
waterdoorstroomhoeveelheid en de
waterpomp in orde zijn of niet
Verschil in temperatuur tussen
aangevoerd en afgevoerd water is
te groot
Waterdoorstroomhoeveelheid is
onvoldoende, drukverschil watersysteem
is te klein
Controleer de
waterdoorstroomhoeveelheid en
controleer of het watersysteem
geblokkeerd is of niet
Waterdoorstroomhoeveelheid
onvoldoende
Controleer de
waterdoorstroomhoeveelheid en
controleer of het watersysteem
geblokkeerd is of niet