89
BENL
Smeeropening aan de aandrfkast
Gebruik ALLEEN
mengsmering
3-4x
2.
Start-proces
Algemene
veiligheidsinstructies
Kinderen, zieke of zwakke personen mogen
de trimmer niet gebruiken. Let goed op als kin-
deren binnen de gevarenzone van de machine
komen. Neem ook de plaatselke ongevallen-
preventievoorschriften in acht. Hetzelfde geldt
voor alle bepalingen met betrekking tot de
wettelke maatregelen ter bescherming van de
werknemer en een gezonde werkomgeving.
De fabrikant kan niet aansprakelk worden
gesteld voor schade of letsel als gevolg van
ongeoorloofde wzigingen aan de machine.
Waarschuwing! B het gebruik
van machines moeten altd
fundamentele veiligheidsmaat-
regelen worden genomen.
Neem ook alle tips en aanw-
zingen in de aanvullende veilig-
heidsvoorschriften in acht.
1. Let op de omstandigheden
waaronder u werkt. Door het mo-
torapparaat worden zodra de motor
loopt giftige gassen ontwikkeld. Deze
giftige gassen kunnen reukloos en
onzichtbaar zn. Daarom mag u nooit
met dit apparaat werken in gesloten
of niet goed geventileerde ruimten.
Zorg b werkzaamheden altd voor
goede ventilatie. Zorg dat u b regen,
sneeuw, s, op hellingen en onvlak ter-
rein altd stevig en stabiel staat.
2. Laat geen vreemde personen met
het apparaat werken. Bezoek of
toeschouwers, met name kinderen, zieke
of zwakke personen dienen op afstand
te worden gehouden. Voorkom dat
andere personen met het gereedschap
in aanraking komen. Geef het apparaat
alleen mee aan personen van wie u
zeker weet dat z op de hoogte zn van
de gebruiksaanwzing van het apparaat
en ermee kunnen werken.
3. Zorg dat het gereedschap veilig
wordt opgeborgen. Gereedschap
dat niet wordt gebruikt, moet op een dro-
ge, b voorkeur hoog gelegen plek of
achter slot en grendel worden bewaard.
4. Gebruik voor elke klus altd
het juiste gereedschap. Gebruik
bvoorbeeld geen klein handgereed-
schap of kleine accessoires voor werk-
zaamheden die eigenlk moeten wor-
den uitgevoerd met groot materiaal.
Gebruik gereedschap alleen voor doel-
einden waarvoor het is ontworpen.
5. Draag altd geschikte kleding.
De kleding moet geschikt zn voor het
gebruik van de machine en mag u niet
hinderen tdens het werk. Draag kle-
ding met veiligheidsinleg.
6. Gebruik persoonlke bescher-
mingsmiddelen. Draag veiligheids-
schoenen met stalen neuzen/stalen
zolen en grof proel. Draag een vei-
ligheidshelm als het risico aanwezig is
dat er voorwerpen kunnen vallen.
7. Draag een veiligheidsbril. Voor-
werpen kunnen worden weggeslin-
gerd. Hierdoor kan ernstig letsel aan
de ogen ontstaan.
8. Draag gehoorbescherming.
Draag persoonlke gehoorbescher-