5 Schoonmaken
Opmerking
• Haal altijd de stekker uit het
stopcontact voordat u het apparaat
gaat schoonmaken.
• Dompel het apparaat nooit in water
of een andere vloeistof.
• Maak het apparaat nooit schoon
met schurende, agressieve of
brandbare schoonmaakmiddelen
zoals bleek of alcohol.
• Alleen het voorlter en NanoCloud
roterend bevochtigingslter zijn
wasbaar. Het Nano Protect-lter
mag niet worden gewassen of
gestofzuigd.
Schoonmaakschema
Frequentie
Schoonmaakmethode
Wanneer nodig
Veeg het oppervlak
van het apparaat
schoon met een
zachte, droge doek.
Elke week
Spoel het
waterreservoir, de
waterbak en het
NanoCloud roterend
bevochtigingslter
af.
Wanneer het
schoonmaaksymbool
brandt
Maak het voorlter
schoon.
Ontkalk het
NanoCloud roterend
bevochtigingslter
met water en witte
azijn of citroenzuur.
Opmerking
• Wanneer er geen water in het
waterreservoir is, stopt het
bevochtigingslterwiel met draaien.
In de automatische modus werkt
het apparaat op ventilatorsnelheid
1. In de handmatige
ventilatorsnelheidsmodus blijft
het apparaat werken op de
gekozen ventilatorsnelheid.
Wanneer het waterreservoir weer
met water is gevuld, begint het
bevochtigingslterwiel weer te
draaien.