NL
DE
EN
21
CONSUMENTENHANDLEIDING AANDRIJFSYSTEEM MET M400
⑹ “SOC View” stelt indicatiemodus in voor
accucapaciteit
Druk kort (< 0,5 sec.) op
of om "SOC View"
te selecteren en druk dan kort (< 0,5 sec.) op
. Druk vervolgens kort (< 0,5 sec.) op of om
de beeldscherm modus voor de output te kiezen als
"Percent" / "Voltage". Na bevestiging drukt u kort (<
0,5 sec.) op om de instelling op te slaan en terug
te keren naar "SOC View". Druk tweemaal kort op
(met de tussenliggende tijd korter dan 0,5 sec.)
om terug te keren naar de hoofd interface, of kies
"TERUG" → "UIT" om terug te keren naar de hoofd
interface.
⑺ “TRIP Reset” stelt de reset functie in voor afstand
van een enkele rit
Druk kort (< 0,5 sec.) op
of om "TRIP Reset" te
selecteren en druk dan kort (< 0,5 sec.) op .
Druk vervolgens kort (< 0,5 sec.) op of om
te schakelen tussen "NO" en "YES". TRIP Reset
omvat maximale snelheid (MAXS), gemiddelde
snelheid (AVG), afstand van een enkele rit (TRIP).
Na bevestiging drukt u kort (< 0,5 sec.) op om
de instelling op te slaan en terug te keren naar
"TRIP Reset". Druk tweemaal kort op (met de
tussenliggende tijd korter dan 0,5 sec.) om terug te
keren naar de hoofd interface, of kies "TERUG" →
"UIT" om terug te keren naar de hoofd interface. De
gegevens worden niet automatisch gereset wanneer
het beeldscherm wordt uitgeschakeld of de energie
van de fiets wordt uitgeschakeld.
⑻ “AL Sensitivity” instelling van licht gevoeligheid
Druk kort (< 0,5 sec.) op
of om "AL Sensitivity"
te selecteren en druk dan kort (< 0,5 sec.) op . Druk
vervolgens kort (< 0,5 sec.) op of om het niveau
van lichtgevoeligheid te kiezen tussen "0" /"1" /"2"
/"3" /"4" /"5" /"OFF" . "OFF" betekent sluit de
functie af. Niveau 1 is de zwakste lichtgevoeligheid
en niveau 5 is de sterkste lichtgevoeligheid. Kies het
gewenste niveau en druk weer kort (< 0,5 sec.) op
om de instelling op te slaan en terug te keren naar
"AL Sensitivity". Druk tweemaal kort op (met de
tussenliggende tijd korter dan 0,5 sec.) om terug te
keren naar de hoofd interface, of kies "TERUG" →
"UIT" om terug te keren naar de hoofd interface.
⑼ “Password” instelling van een wachtwoord voor
toegang
Druk kort (< 0,5 sec.) op
of om "Password"
te selecteren en druk dan kort (< 0,5 sec.). Druk
vervolgens kort (< 0,5 sec.) op of om "Start
PassWord" te selecteren en druk vervolgens weer kort
(< 0,5 sec.) op . Druk kort (< 0,5 sec.) op of 2 om
te kiezen tussen "AAN"/"UIT", hieronder staat de
specifieke wijze van omschakelen.
Wachtwoord om te beginnen:
Ga in de "Start PassWord" interface en selecteer
"ON". Druk kort (< 0,5 sec.) op
, en vervolgens
wordt op de interface getoond waar u het wachtwoord
in moet geven. Vervolgens drukt u kort (< 0,5 sec.)
op of om de nummers "0-9" te kiezen en druk
daarna kort (< 0,5 sec.) op om het ingevoerde
nummer te bevestigen. Na de invoer wordt het
ingevoerde wachtwoord opnieuw getoond in de
interface. Herhaal de bovenstaande stap om het
wachtwoord opnieuw in te voeren. Als het wachtwoord
hetzelfde is als de vorige keer, zal het systeem
aangeven dat het instellen van het wachtwoord
geslaagd is, zo niet dan moet u de eerste stap
herhalen om het nieuwe wachtwoord in te voeren en
vervolgens te bevestigen.