Om de opname te starten:6
Met een • Digital Pocket Memo 9600,
schuift u de vierstandenschakelaar
6
in
de
REC positie en begin te spreken.
Met een • Digital Pocket Memo 9620,
drukt u op de
REC toets
5
, schuift u
de vierstandenschakelaar
6
in de REC
positie en begin te spreken.
De status LED
7
licht tijdens het opnemen
rood (in de overschrijfmodus) of groen op
(in de invoegmodus). Als het geluidsniveau
te laag is
a
, volgt er na drie seconden een
opnamepauze en knippert het status LED.
Druk tijdens het opnemen op de 7 + of –
toets
7
om het geluidsniveau aan te passen.
a
Om de opname te beëindigen:8
Bij de • Digital Pocket Memo 9600 schuift
u de vierstandenschakelaar
6
n de STOP
positie.
Bij de • Digital Pocket Memo 9620 schuift
u de vierstandenschakelaar
6
in de RECP
u op de
REC toets
5
.
5
6
7
a
8
Werken met indexmarkeringen5.3
Indexmarkeringen kunnen gebruikt worden om
bepaalde punten in een opname te markeren
als referentiepunten. Een referentiepunt kan
bijvoorbeeld het begin van een belangrijke sectie
zijn, of een gedeelte van een opname dat u later
wil corrigeren of snel terugvinden.
Een indexmarkering invoegen5.3.1
Druk tijdens opnames op de 1
INDEX
slimme toets
1
of afspeeltoets om een
indexmarkering toe te voegen.
a
Het
indexnummer wordt twee seconden lang
weergegeven.
1
a
Een indexmarkering verwijderen5.3.2
Afspelen, snel vooruitspoelen of snel 1
terugspoelen naar de te verwijderen index-
markering
a
.
Druk terwijl u gestopt bent op de 2
MENU
toets
1
om het menu te openen.
Druk op de 3 + of – toets
2
om het menu
Index clear (Index verwijderen) te selecteren
en druk op de
OK slimme toets
3
.