40
Om de volledige prestatie van de accu te
garanderen, laadt u deze voor het eerste
gebruik volledig op met de oplader. Lees
de handleiding van de oplader en leef
deze na.
De accu kan altijd los of in de ets opgeladen
worden, zonder dat dit de levensduur verkort.
Een onderbreking van het laadproces leidt niet tot
schade aan de accu.
De accu is voorzien van een temperatuurregeling
die tijdens het opladen alleen temperaturen tus
-
sen de 0 °C en 40 °C toelaat. Wanneer de tem-
peratuur van de accu zeer hoog is, wordt de accu
niet opgeladen en branden de bovenste [F] en de
onderste [E] led’s als er op de controletoets voor
de accuoplaadindicatie wordt gedrukt.
Haal de accu uit de oplader en laat deze afkoe
-
len. Sluit de accu pas weer aan op de oplader
als deze de toegestane laadtemperatuur bereikt
heeft.
Elke oplichtende laadniveau-indicator vertegenwoordigt ongeveer 20% van de accucapaciteit.