DUT
119
Onderhoudsaanwijzing
Tabel met omschrijving van de parameter :
Parameter Parameteromschrijving
Functieomschrijving
Instel-
mogelijkheden
Over-
genomen
waarde
S3.1
Werking van de
Solarpomp R2.
Met deze instelling wordt bepaald, of de pomp R2 in „on-“
of „off- modus“ of met RPM regelaar wordt aangestuurd.
De toerentalregeling van de pomp gaat in 5 stappen van
40 - 100 %.
0 - on/off
1 - RPM
1
S3.2
Minimale werkingsgraad
van de RPM regelaar voor
de pomp R2.
Minimale werkingsgraad van de RPM regelaar voor de
pomp R2.
1 ÷ 3
1
S3.3
Tijd van de maximale
pompwerking R2.
Wanneer aan de verschilbepaling is voldaan, schakelt
conform de tijdinstelling, pomp R2 met maximaal
vermogen in.
5 ÷ 300 S
20
S3.8
Werking van de
Solarpomp R3.
Met deze instelling wordt bepaald, of de pomp R3 in „on-“
of „off- modus“ of met pwm regelaar wordt aangestuurd.
De toerentalregeling van de pomp gaat in 5 stappen van
40 - 100 %.
0 - on/off
1 - pwm
1
S3.9
Minimale werkingsgraad
van de RPM regelaar voor
de pomp R3.
Minimale werkingsgraad van de RPM regelaar voor de
pomp R3.
1 ÷ 3
1
S3.10
Tijd van de maximale
pompwerking R3.
Wanneer aan de verschilbepaling is voldaan, schakelt
conform de tijdinstelling, pomp R3 met maximaal
vermogen in.
5 ÷ 300 s
20