EasyManua.ls Logo

OEG KSW-E - Functieparameters

OEG KSW-E
204 pages
Print Icon
To Next Page IconTo Next Page
To Next Page IconTo Next Page
To Previous Page IconTo Previous Page
To Previous Page IconTo Previous Page
Loading...
DUT
120
Onderhoudsaanwijzing
FUNCTIEPARAMETERS
Tabel met omschrijving van de parameter :
Parameter Parameteromschrijving
Functieomschrijving
Instel-
mogelijkheden
Over-
genomen
waarde
F1.1 Energiemetinge n
Met deze instelling wordt het systeem voor het meten van
de gewonnen Solarenergie ingeschakeld.
0 - uit
1 - aan
0
F1.2 Medium
Hier wordt het warmtegeleidende medium in het
Solarsysteem gekoz en.
0 - Water
1 - Propyleenglycol
2 - Ethyleenglycol
3 - Tyfocor
4 - Tyfocor LS,
G-LS
0
F1.3
Verhouding van het
antivries
Hier wordt de concentratie van het vorstbeschermings-
middel ingesteld.
10 ÷ 100 %
40
F1.4
Warmteoo rs pro n g
sensor
Hier stelt u de sensor in de collector in.
1 - T1 (T3)
2 - T2
3 - T3
4 - T4
5 - T5
1
F1.5
Warmtedifferentie
sensor
Hier stelt u de sensor Tc voor de
retourstroomcollectoren in.
1 - T1
2 - T2
3 - T3
4 - T4
5 - T5
5
F1.6 Volumemeter
Met deze instelling wordt bevestigd, of de volumemeter in
gebruik is.
0-nee
1-ja
0
F1.7
Verhoudingsgetal van
de impulsen op de
doorstro om meter
De opgave, hoeveel liter er per impuls worden verbruikt. 0,1 ÷ 100 l/imp
1
F1.8
Doorstroming in het
eerste collectorveld
Hier wordt de hoeveelheid van de doorstroming in het
eerste collectorveld ingesteld. Wanneer de Solarpomp
met 100 % vermogen wordt gebruikt, kan de doorstroom
op de doorstroommeter worden afgelezen.
1 ÷ 100 l/min
6
F1.9
Doorstroming in het
tweede collectorveld
Hier wordt de hoeveelheid van de doorstroming in het
tweede collectorveld ingesteld. Wanneer de Solarpomp
met 100 % vermogen wordt gebruikt, kan de doorstroom
op de doorstroommeter worden afgelezen.
1 ÷ 100 l/min
6
F1.10
Doorstroming in het
eerste en in het tweede
collectorveld
De hoeveelheid van de gezamenlijke doorstroming in het
eerste en in het tweede collectorveld wordt ingesteld.
Wanneer de beide Solarpompen met 100 % vermogen
worden gebruikt, kan de doorstroom op de doorstroom-
meter worden afgelezen.
De instelling wordt alleen bij de schema’s gebruikt, waar
beide collectorvelden gelijktijdig kunnen werken.
2 ÷ 100 l/min
12
De functieparameters bevinden zich in de groepen F1 en F2. In de groep F1 bevinden
zich parameters voor de instelling van de meter van de gewonnen Solarenergie. In de
groep F2 bevinden zich parameters voor vrije programmering van de relaisuitgang R1.
De manier van instellen van de functieparameters is hetzelfde als bij de
onderhoudsinstellingen. (zie pagina 115).

Table of Contents

Related product manuals