7.4 Vervangen van maaimessen
Plaats steunen onder de maaibalk als deze van de grond is
geheven en u werkzaamheden onder de machine gaat ver-
richten.
De maaimessen hebben een verschillende uitvoering voor
links- en rechtsdraaiende maaischijven. De snijkant dient aan
de voorzijde, gezien in de draairichting van de schijf, naar
beneden te wijzen (fig. 26).
De maaimessen zijn voorzien van twee snijkanten. Wanneer
één kant is versleten, kan het mes worden omgekeerd en de
tweede snijkant worden benut.
- Vervang de messen per schijf gelijktijdig, om onbalans in
de schijf te voorkomen.
- Vervang versleten of beschadigde moeren en mesbouten.
- Draai de mesbouten vast met een aanhaalmoment van
50-60 Nm (5-6 kgm).
7.5
Olie tandwielkasten verversen
Ververs de olie van de tandwielkasten en het aandrijfelement
bij een nieuwe maaier (of na montage van een nieuwe
tandwielkast) de eerste keer na ca. 30 werkuren en daarna
iedere 250 werkuren.
Afwijking van de hoeveelheid kan oververhitting en
blijvende schade aan het element tot gevolg hebben.
- Vul tandwielkast A (fig. 27) als volgt met GX85W-140
transmissie olie;
Toerental 1000 omw./min.:
Boven- en onderkast ieder 1,2 l.
Toerental 540 omw./min.:
Bovenkast 1,7 l/onderkast 1,9 l.
- Vul de boven- en onderkast van tandwielkast B ieder met
1,2 l transmissie-olie (GX85W -140).
- Vul tandwielkast C (fig. 28) met 0.85 l transmissie-olie
(GX85W -140).
Ververs de olie in het aandrijfelement vaker wanneer
onder zware omstandigheden wordt gewerkt.
- Vul het aandrijfelement D met een zorgvuldig afgemeten
hoeveelheid van 0.45
l transmissie-olie (GX85W-140).
15
26
50-60 Nm (5-6 kgm)
27
A
B
28
C
D
!
!