2
AANWIJZINGEN VOOR DE GEBRUIKER
• Lees deze handleiding aandachtig door.
Hierin vindt u belangrijke informatie over
de veiligheid bij de installatie, het gebruik
en het onderhoud van het apparaat.
• Bewaar deze handleiding op een veilige,
bekende plaats, om haar altijd te kunnen
raadplegen zolang het apparaat meegaat.
• De installatie, aanpassing aan een ander
gastype en het onderhoud van het apparaat
moeten worden uitgevoerd door gekwali-
ceerd personeel dat hiertoe geautoriseerd
is door de fabrikant, in overeenstemming
met de geldende veiligheidsvoorschriften
en de instructies in deze handleiding.
• Maak voor assistentie uitsluitend gebruik
van door de fabrikant erkende technische
centra en vraag om het gebruik van origi-
nele onderdelen.
• Laat minstens tweemaal per jaar on-
derhoud plegen aan het apparaat. Ge-
adviseerd wordt om een onderhoudscon-
tract af te sluiten.
• Het apparaat is bestemd voor professio-
neel gebruik en moet worden bediend
door goed opgeleid personeel.
• Het apparaat is bestemd voor het berei-
den van voedsel in overeenstemming met
de gebruiksaanwijzingen. Ieder ander ge-
bruik is oneigenlijk.
• Laat het apparaat niet gedurende lange
perioden leeg werken. Voor het gebruik
moet het apparaat worden voorverwarmd.
• Houd het apparaat in het oog tijdens de
werking.
• In het geval van een storing of een defect
in het apparaat moet de gaskraan worden
dichtgedraaid en/of moet de hoofdscha-
kelaar van de elektrische voeding, die bo-
venstrooms van het apparaat geplaatst is,
worden uitgeschakeld.
• Voer de reiniging uit volgens de instructies
in het hoofdstuk ‘REINIGINGSINSTRUC-
TIES’.
• Bewaar geen ontvlambare materialen in de
buurt van het apparaat. BRANDGEVAAR.
• Dek de luchtinlaat- en uitlaatopeningen
van het apparaat niet af.
• Maak de onderdelen van het apparaat niet
onklaar.
• Er wordt geadviseerd om persoonlijke be-
schermingsmiddelen te dragen, omdat het
hete voedsel kan opspatten.
• Tijdens de werking van het apparaat be-
staat de mogelijkheid dat de omliggende
vloer glad wordt. Let hierop en gebruik ge-
schikte middelen om niet te vallen.
• Sluit deuren en laden na gebruik.
PERSOONLIJKE BESCHERMINGSMIDDELEN
Beschermende
kleding
Veiligheids-
schoenen
Handschoenen Veiligheidsbril
Gehoorbescher
mers
Gelaatsmasker Helm
Het niet dragen van persoonlijke beschermingsmiddelen door bedieners, gespecialiseerde monteurs of personen die het
apparaat gebruiken, kan blootstelling aan chemische gevaren of eventuele gezondheidsschade veroorzaken.
Hieronder vindt u een overzichtstabel van de Persoonlijke Beschermingsmiddelen (PBM) die tijdens de verschillende
levensfasen van het apparaat moeten worden gebruikt.
Fase
BESCHIKBARE OF ZO NODIG TE GEBRUIKEN PBM’S
(*) Tijdens het normale gebruik en het onderhoud moeten hittebestendige handschoenen worden gebruikt om de handen
te beschermen wanneer de bediener het apparaat of hete bereidingsmiddelen (olie, water, damp, enz.) aanraakt.