DEU
ENG
NDL
FRA
ITA
ESP
82
HZ 5 HZ 6 HZ 7 HZ 8 HZ 9 HZ 10 HZ 11 HZ 12
pump
1 2
boiler
1 2
ECO
1 2
CO
1 2
H %
1 2
HZ 1 HZ 2 HZ 3 HZ 4
1 1 1 11 12 2 2 22 2 1 1 1 11 12 2 2 22 2 1 1 1 11 12 2 2 22 2
N
N
L L TB
T4AH
System BUS
B GND24V A
HZ 5 HZ 6 HZ 7 HZ 8 HZ 9 HZ 10 HZ 11 HZ 12
pump
1 2
boiler
1 2
ECO
1 2
CO
1 2
H %
1 2
HZ 1 HZ 2 HZ 3 HZ 4
1 1 1 11 12 2 2 22 2 1 1 1 11 12 2 2 22 2 1 1 1 11 12 2 2 22 2
L1‘
TB
L2‘
L1 L2
T2A
3.2 Elektrische aansluiting
N L L1 L2
230 V
24 V
3.1 Montage
3 Installatie
Waarschuwing
Levensgevaar door elektrische spanning
Alle installatiewerkzaamheden dienen uitgevoerd te worden in spanningsvrij e toestand.
Waarschuwing
Levensgevaar door elektrische spanning
Alle installatiewerkzaamheden dienen uitgevoerd te worden in spanningsvrij e toe-
stand.
De bedrading van een regeling voor naregelingen hangt af van individuele factoren en
dient zorgvuldig gepland en gerealiseerd te worden door de installateur.
Voor de stekker-/klemaansluitingen zij n volgende doorsneden bruikbaar:
9 massieve leiding: 0,5 – 1,5 mm²
9 fl exibele leiding: 1,0 – 1,5 mm²
9 Leidingsuiteinden 8 - 9 mm isolatie strippen
9 Leidingen van de aandrij vingen kunnen met de in de fabriek gemonteerde isolatie
kabelschoenen gebruikt worden.
Aanwij zing: Bij de 230 V-variante kan de stroomvoorziening via één van de beide N- en
L-klemmenparen gebeuren.
1
2 3 4
230 V
24 V
6 7
5b
24 V
5a
230 V
elektr. aansluiting, zie
hoofdstuk 3.2
elektr. aansluiting, zie
hoofdstuk 3.2