Als u het apparaat gebruikt om uzelf te testen, moet u altijd
contact opnemen met gezondheidszorgverlener voordat
u een INR-doelbereik instelt. Volg de instructies van uw
gezondheidszorgverlener om de correcte stappen te nemen.
OK
-
+
VOLG.
DOEL AAN
0.7 1.5
Gebruik de knoppen “+” en “-” om te
schakelen tussen de AAN- en UIT-modus.
Als “UIT” wordt geselecteerd, reageert de
meter op geen enkele bewerking bij het
drukken op “VOLGENDE”. Indien “ON” (AAN)
is geselecteerd en u op de knop “NEXT”
(VOLG.) drukt, moet u de volgende secties
raadplegen.
Als u het doelbereik AAN zet,
OK
-
+
VOLG.
DOEL AAN
0.7 1.5
LA
en op de knop “NEXT” (VOLG.) drukt,
wordt het bericht “LO” (LA) op het scherm
weergegeven, wat aangeeft dat de gebruiker
de laagste limiet van het doelbereik moet
instellen. Gebruik de knoppen “+” en “-”
om de laagste limiet te wijzigen. Het bericht
“LO” (LA) knippert ook op uw scherm met
testresultaten wanneer uw resultaat onder de
laagste limiet valt.
Druk op de knop “NEXT” (VOLG.) wanneer u de correcte laagste INR-
limiet hebt en de hoogste limiet van het doelbereik wilt instellen.
OK
-
+
VOLG.
DOEL AAN
0.7 1.5
HO
Het bericht “HI” (HO) wordt op het scherm
weergegeven. Gebruik de knoppen “+” en “-“
om de hoogste limiet te wijzigen. Het bericht
“HI” (HO) knippert ook op uw scherm met
testresultaten wanneer uw resultaat boven
de hoogste limiet valt.
Druk op de knop “OK” om de instelling te accepteren. Het systeem slaat
uw instelling op en gaat terug naar het scherm “INSTELLINGEN”.
Als u het doelbereik UIT zet,
OK
-
+
VOLG.
DOEL UIT
0.7 1.5
en op de knop “OK” drukt, slaat het systeem
uw instelling op en gaat terug naar het
scherm “INSTELLINGEN”. Het bericht
“LO” (LA) of “HI” (HO) knippert niet op uw
testresultaten.
14
NL