147
8Ruimte reinigen
8.5 Robot via de afstandsbediening besturen
TIP: De robot bevestigt elke invoer met een signaaltoon. Als
de instelling niet plausibel is, klinken 2 signaaltonen.
Reinigingspatroon instellen
1. Met de afstandsbediening richting robot wijzen.
2. " ", " " of " " indrukken om het gewenste reini-
gingspatroon in te stellen.
– " ": Automatisch
– " ": Willekeurig
– " ": Wand volgen
Reinigingsduur instellen
1. Met de afstandsbediening richting robot wijzen.
2. " " indrukken om de reinigingsduur in te stellen op 30
minuten met aansluitende terugkeer naar laadstation.
TIP: De instelling van een langere reinigingsduur moet op de
robot aangebracht worden.
Zuigvermogen instellen
1. " " indrukken om hoog zuigvermogen in te stellen
2. " " indrukken om laag zuigvermogen in te stellen
3. " "indrukken om ventilator uit te zetten.
Intensieve reiniging
1. " " ingedrukt houden.
2. Met rode lichtstip op de plek voor de robot wijzen, die ge-
reinigd moet worden (afb. 22).
TIP: De plek voor intensieve reiniging mag, als erop gewe-
zen wordt, niet meer dan 15 cm van de robot verwijderd zijn.