106
7.2 Veiligstellen van vluchtwegen
Minimaal één resp. de enige rookmelder moet zo geïnstalleerd
worden dat hij
• de weg naar de slaapkamer veiligstelt (hal/overloop resp.
trap) en
• in het geval van een alarm ook door een gesloten slaapka-
merdeur te horen is
7.3 Installatieplaats van het individuele apparaat
De rookmelder moet altijd in het midden van het plafond ge-
plaatst worden. Een uitzondering op deze regel zijn zolderkamers
onder een schuin dak. In zulke kamers mag de rookmelder niet in
de nok van het dak geplaatst worden. Bij montage aan het pla-
fond moet de rookmelder op ca. 1 m afstand vanaf het hoogste