2
deerder is gebouwd voor een nominale stroomtoelevering van I
2
,
in alle veiligheid voor een werkperiode van 40% (CONVEX 330
basic) of 50% (CONVEX 400 - 500 basic) in verhouding tot het
totale gebruik. De van kracht zijnde normen hebben 10 minuten
vastgesteld van de totale bezigheidstijd. Als werkcyclus wordt 40%
(CONVEX 330 basic) of 50% (CONVEX 400 - 500 basic) van dit
tijdsinterval aangeraden. Overtredeing van dit tijdsinterval veroor-
zaakt de tussenkomst van de thermische protectie die de interne
bestandsdelen van de soldeerder tegen overvehitting beschermt.
De tussenkomst van de thermische protectie wordt aangegeven
door het branden van de gele LED van de thermostaat. De in-
werkingtreding van de thermische beveiliging wordt gesignaleerd
door het knipperen van enkele teksten op de displays (voor na-
dere informatie naar het hoofdstuk “Foutomstandigheden” in de
handleiding van het controlepaneel CX verwijzen). Na enkele mi-
nuten stopt de thermische protectie en is de soldeerder opnieuw
klaar voor gebruik.
Methodes van optillen van de installatie
Til de installatie op van de vloer, nadat u deze op stabiele en vei-
lige wijze vanaf de onderkant met hijsriemen omwikkeld heeft.
De lasmachine heeft een stevige handgreep ingebouwd in het
frame voor het bewegen van de installatie.
OPMERKING: Deze hef- en transportsystemen voldoen aan de
voorschriften van de Europese normen. Gebruik geen andere
werktuigen voor het optillen en het vervoer.
Verpakkingen opening
De installatie bestaat hoofdzakelijk uit:
• Laseenheid CONVEX 330-400-500 basic.
• Afzonderlijk:
- Draadaanvoerder HS4 (afzonderlijke voorziening).
- Lasbranders MIG-MAG (optioneel).
-
Verbindingskabel draadaanvoerder - generator (afzonderlij-
ke voorziening).
- Unit voor de koeling van de lasbrander (optioneel).
- Wagen voor het vervoer (optioneel).
Voer de volgende handelingen uit na ontvangst van de installatie:
• Verwijder de lasgenerator en alle bijbehorende accessoires en
componenten uit de verpakkingen.
• Controleer of de lasinstallatie in goede staat verkeert. Is dit niet
het geval meld dit dan onmiddellijk aan de verkoper of distri-
buteur.
• Controleren of alle ventilatieopeningen open zijn en of er geen
obstakels zijn voor de goede doorgang van de lucht.
Installatie en aansluitingen
De plaats van installatie moet zorgvuldig gekozen worden, opdat
een veilige en bevredigende werking verzekerd kan worden. De
gebruiker is verantwoordelijk voor de installatie en het gebruik in
overeenstemming met de gebruiksaanwijzingen van de fabrikant
in dit handboek weergegeven. Alvorens het apparaat te installeren
moet de gebruiker rekening houden met de mogelijke elektromag-
netische problemen van de werkruimte. In het bijzonder adviseren
we het apparaat niet in de nabijheid te installeren van:
Tabel 1
Model
CONVEX 330
basic
CONVEX 400
basic
CONVEX 500
basic
MIG-MAG welding
Driefasige voeding 50/60 Hz V 400 ± 20% 400 ± 20% 400 ± 20%
Hoofnet voeding: Z
max
Ω 0,037 0,028 0,017
Geabsorbeerd vermogen @ I
2
Max kVA 18,8 18,6 25,6
Zekeringen vertraagd (I
2
@ 60%) A252535
Vermogensfactor / cosφ 0,86 / 0,99 0,9 / 0,99 0,94 / 0,99
Rendement η 0,82 0,88 0,89
Secundaire spanning leeg V637070
Reguleringsveld A 10-330 10÷400 10÷500
Bruikbare stroom @ 100% (40°C) A 280 310 380
Bruikbare stroom @ 60% (40°C) A 300 370 460
Bruikbare stroom @ X% (40°C) A 330 (40%) 400 (50%) 500 (50%)
Draaddiameter (*) mm 0,6÷1,2 (*) 0,6÷1,6 (*) 0,6÷2,0 (*)
Aantal rollen (*) 4 (*) 4 (*) 4 (*)
Vermogen motor draadaanvoerder (*) W 100 (*) 100 (*) 100 (*)
Nominale snelheid draadaanvoerder (*) m/min 0,5÷25 (*) 0,5÷25 (*) 0,5÷25 (*)
Spoel (*)
Diameter
Gewicht
mm
kg
Ø300 (*)
15 (*)
Ø300 (*)
15 (*)
Ø300 (*)
15 (*)
Normen
IEC 60974-1 / IEC 60974-5 (*) / IEC 60974-10
Protectieklasse IP 23 S IP 23 S IP 23 S
Isolatieklasse HHH
Afmetingen
mm 660 - 515 - 290 660 - 515 - 290 660 - 515 - 290
Gewicht kg 35 39 43
(*) Afzonderlijk gemonteerd op het aanzuigsysteem HS4.
LET OP: Dit apparaat is conform aan de norm EN//IEC 61000-3-12, op voorwaarde dat de maximaal toelaatbare impedantiewaarde Z
max
van
het net op het aansluitpunt tussen het voedingssysteem van de gebruiker en het publieke systeem minder is dan, of gelijk is aan 0,037 CON-
VEX 330 basic - 0,028 CONVEX 400 basic - 0,017 CONVEX 500 basic. Het is de verantwoordelijkheid van de installateur of van de gebruiker
van de apparatuur om te controleren, indien nodig door de operator van het distributienet te raadplegen, of de apparatuur uitsluitend aangeslo-
ten is op een voedingssysteem met maximaal toelaatbare impedantiewaarde Z
max
van het net van minder dan, of gelijk aan 0,037 CONVEX
330 basic - 0,028 CONVEX 400 basic - 0,017 CONVEX 500 basic.
Deze inrichting, gekeurd overeenkomstig de Richtlijn EN/IEC 61000-3-3, voldoet aan de eisen van de Richtlijn EN/IEC 61000-3-11.