12
verschijnen na elkaar het traject «TRIP», het to-
tale aantal gereden kilometers «T
OTAL» en de
actieradius van de accu «RANGE». (Door kort
op de toets «–» te drukken, wordt het ondersteu-
ningsniveau
verlaagd!)
Druk tegelijkertijd lang
op de toetsen «+» en
«–» om het traject «TRIP» terug te zetten. Op
het display verschijnt eerst «RESET». Wanneer
u verder op beide toetsen drukt, wordt het traject
«TRIP» op «0» gezet.
U kunt de weergegeven waarden omrekenen van
kilometers naar mijlen door
de toets «–» inge-
drukt te houden en kort
op de aan-uit-toets 1
te drukken.
Voor onderhoudsdoeleinden kunnen de versies
van de deelsystemen worden opgevraagd. Druk
bij uitgeschakeld systeem tegelijkertijd op de
toetsen «–» en «+» en druk vervolgens op de
aan-uit-toets 1.
De USB-bus is voorbehouden voor het aansluiten
van diagnosesystemen. De USB-bus heeft geen
verdere functie.
De USB-aansluiting moet met de be-
schermkap 8 steeds compleet zijn
gesloten.
Nederlands – 4
1 270 020 XBP | (11.02.2019) Bosch eBike Systems
Aanduidingen en instellingen van de
boordcomputer
Accu-oplaadaanduiding
De accu-oplaadaanduiding (g) geeft de laadtoestand van de
eBike-accu aan. De laadtoestand van de eBike-accu kan
eveneens bij de leds op de accu zelf afgelezen worden.
In de aanduiding (g) komt elk balkje in het accusymbool
overeen met een capaciteit van ongeveer 20%:
De eBike-accu is volledig geladen.
De eBike-accu moet bijgeladen worden.
De leds van de oplaadaanduiding op de accu gaan
uit. De capaciteit voor de ondersteuning van de
aandrijving is opgebruikt en de ondersteuning
wordt zachtjes uitgeschakeld. De resterende capa-
citeit wordt voor de verlichting ter beschikking ge-
steld, de aanduiding knippert.
De capaciteit van de eBike-accu is voldoende voor
nog ongeveer 2uur fietsverlichting.
Snelheids- en afstandsaanduidingen
In de snelheidsmeteraanduiding (a) verschijnt altijd de actu-
ele snelheid.
In de aanduiding (i) verschijnt standaard altijd de laatste in-
stelling. Door herhaaldelijk middellang te drukken
op de
toets– verschijnen achtereenvolgens het rijtraject TRIP, het
totale aantal kilometers TOTAL en het bereik van de accu
RANGE. (Door kort drukken
op de toets– wordt het on-
dersteuningsniveau verlaagd!)
Voor het terugzetten van het rijtraject TRIP kiest u het rijtra-
ject TRIP en drukt u tegelijkertijd lang
op de toetsen + en
–. Eerst verschijnt op het display RESET. Wanneer u beide
toetsen blijft indrukken, wordt het rijtraject TRIP op 0 gezet.
Voor het terugzetten van het bereik RANGE kiest u het be-
reik RANGE en drukt u tegelijkertijd lang
op de toetsen +
en –. Eerst verschijnt op het display RESET. Wanneer u bei-
de toetsen blijft indrukken, wordt het rijtraject TRIP op 0 ge-
zet.
U kunt de weergegeven waarden van kilometer in mijl veran-
deren door de toets – ingedrukt te houden
en kort op de
aan/uit-toets (1) te drukken
.
Voor onderhoudsdoeleinden kunnen de versies van de deel-
systemen en hun onderdeelnummers opgevraagd worden,
mits de deelsystemen deze informatie doorgeven (afhanke-
lijk van het deelsysteem). Druk bij uitgeschakeld systeem
tegelijkertijd op de toetsen– en + en bedien vervolgens de
aan/uit-toets(1).
De USB-bus is voor de aansluiting van diagnosesystemen
voorbehouden. De USB-bus heeft verder geen functie.
u De USB-aansluiting moet met het beschermkapje (8)
altijd volledig gesloten zijn.
Actie Toetsen Duur
Boordcomputer inschakelen willekeurig
Boordcomputer uitschakelen willekeurig
Ondersteuning verhogen
+
Ondersteuning verminderen
–
Aanduiding TRIP, TOTAL,
RANGE, ondersteuningsmodi
–
Fietsverlichting inschakelen
+
Fietsverlichting uitschakelen
+
Rijtraject terugzetten
– +
Duwhulp activeren
Duwhulp uitvoeren
WALK
+
1.
2. willekeurig
Van kilometer in mijl veranderen
–
1. vast-
houden
2.
Versies opvragen
A)B)
– +
1. vast-
houden
2.
Displayhelderheid instellen
C)
– +
– of +
1. vast-
houden
2.
A) Het eBike-systeem moet uitgeschakeld zijn.
B) De informatie wordt als lopende tekst weergegeven.
C) Het display moet uitgeschakeld zijn.
Indien de E-Bike af fabriek is gecon-
gureerd met de eMTB-modus, wordt het
ondersteuningsniveau SPOR
T vervan-
gen door eMTB. In de eMTB-modus
worden de ondersteuningsfactor en het
koppel dynamisch aangepast, afhankeli-
jk van de kracht die op de pedalen wordt
uitgeoefend. De eMTB-modus is alleen
beschikbaar voor aandrijvingen van de
Performance Line CX.
De volgende ondersteuningsniveaus zijn maxi-
maal beschikbaar:
• OFF: De motorondersteuning is uitgeschakeld, er
kannetalseennormaleetsdooralleentrappen
met de E-Bike worden gereden. De duwhulp kan
bij dit ondersteuningsniveau niet worden geacti
-
veerd.
•
ECO: eectieve ondersteuning bij maximale e-
ciëntie,
vooreenmaximaleactieradius
• TOUR: gelijkmatige ondersteuning, voor ritten met
grote actieradius
SPORT/eMTB:
• SPORT: krachtige ondersteuning, voor sportief ri-
jden in heuvelachtig terrein en in het stadsverkeer
•
eMTB: optimale ondersteuning op elk terrein,
sportiefwegrijden,verbeterdedynamiek,maxima
-
le prestaties
•
TURBO: maximale ondersteuning ook bij hoge
trapfrequenties, voor sportief rijden
Om het ondersteuningsniveau te verhogen drukt
u kort
op de toets «+» 6 op de boordcomputer
zo vaak tot het gewenste ondersteuningsniveau
in de weergave i verschijnt; om het te verlagen
drukt u kort
op de toets «–» 5.
Fietsverlichting in-/uitschakelen
In de uitvoering, waarbij het etslicht wordt ge
-
voed door de E-Bike, kunnen het voor- en achter-
licht gelijktijdig worden ingeschakeld door
op
de toets «+» te drukken. Druk lang
op de toets
«+»omdeetsverlichtinguitteschakelen.
Bij ingeschakeld licht wordt het verlichtingssym-
bool h weergegeven.
Het
in- en uitschakelen van de etsverlichting
heeft geen invloed op de achtergrondverlichting
van het display.
Weergaven en instellingen van de
boordcomputer
snelheids- en afstandsweergaven
In de tachometerweergave a wordt steeds de
actuele snelheid aangegeven.
In de weergave i wordt standaardmatig steeds
de laatste instelling aangegeven. Door herhaal
-
delijk middellang
op de toets «–» te drukken