Alternatieve procedure
01.OpdeNIEUWEzenderhoudtutenminste3secondenlangdetoets...
ingedrukt opmerking 1) en laat u deze toets vervolgens weer los.
02.OpdeOUDEzenderhoudtutenminste3secondenlangdetoets...
ingedrukt (opmerking 2) en laat u deze vervolgens weer los.
03.OpdeNIEUWEzenderhoudtutenminste3secondenlangdezelfde
toetsingedruktdieubpunt01heeftingedruktenlaatudezevervol-
gens weer los.
04.OpdeOUDEzenderhoudtutenminste3secondenlangdezelfde
toetsingedruktdieubpunt02heeftingedrukt,totdegroeneled
L1 van de ontvanger 3 maal knippert, ten teken dat de opslag heeft
plaatsgevonden.
Opmerking 1 – Druk op een willekeurige toetsalsdeOUDEzenderis
opgeslagenop“WerkwzeI”ofdrukopde toets die u wilt opslaan als de
OUDEzenderisopgeslagenop“WerkwzeII”.
Opmerking 2 – Druk op een willekeurige toets als deze zender is opge-
slagenop“WerkwzeI”ofdrukopde toets met de instructie die u wilt
overbrengenalsdezezenderisopgeslagenop“WerkwzeII”.
6.3 - Volledig wissen van het geheugen van de ontvanger
Om alle opgeslagen zenders of, als alternatief, alle aanwezige gegevens uit
het geheugen van de ontvanger te wissen, gaat u als volgt te werk:
01. Druk de toets van de ontvanger in en houd hem lang ingedrukt tot de
groene led gaat branden en observeer de veranderingen in de status
van de led:
–nacirca4secondengaatdegroeneledaan;
–degroeneledgaatvervolgens,nacirca4seconden,weeruit;
– tot slot begint de groene led, na circa 4 seconden, te knipperen.
02. Op dit punt moet u, om alle zenders te wissen, de toets exact gedu-
rende de 3e knipperingvandegroeneledloslaten;omhet gehele
geheugen van de ontvanger te wissen(metinbegripvandecongu-
raties en de coderingsfamilie van de zenders) moet u de toets exact
gedurende de 5e knippering van de groene led loslaten.
zenderdientudebeschrevenwerkwzenaandachtigdoortelezenomte
bepalenwelkewerkwzehetmeestgeschiktis.
6.1 - Werkwze voor opslag van een zender:
“Werkwze I” en “Werkwze II”
In het algemeen kan de combinatie tussen deze instructies en de toetsen
vaneenzenderoptweeverschillendewzenwordengedaan:
• Werkwze I:hierbishetmogelkalletoetsenvandezenderofslechts
een groep ervan (alleen voor zenders die meerdere identiteitscodes bezit-
ten,bvoorbeeldhetmodelON9)inéénkeeropteslaanindeontvanger.
Bdezewerkwzewordendetoetsenvandezenderautomatischgecom-
bineerd met de vooringestelde instructies in de besturingseenheid.
• Werkwze II:hierbishetmogelkeenenkeletoetsvandezenderinde
ontvangeropteslaan.Hetismogelktekiezenwelkevandeindebestu-
ringseenheid beschikbare instructies u wilt programmeren (maximaal 4).
Opslagprocedure met “Werkwze I”
Waarschuwing –Metdezeprocedurewordentegelkertdalletoetsen
van de zender of slechts een groep ervan opgeslagen.
01. Druk op de toets op de ontvanger en houd deze ingedrukt tot de
groene led op de ontvanger gaat branden. Laat de toets vervolgens
weer los.
02. Druk binnen 10 seconden op een willekeurige toets op de zender die
moet worden opgeslagen en houd deze ingedrukt tot de led op de
ontvanger de eerste van 3 groene knipperingen geeft die signaleren
dat de zender is opgeslagen.
Opmerking – Na de 3 knipperingen heeft u 10 seconden om andere zen-
ders op te slaan.
Opslagprocedure met “Werkwze II”
Waarschuwing – Met deze procedure wordt een enkele toets van de
zender opgeslagen, De programmeringsprocedure moet dus herhaald
worden voor iedere toets van de zender die men in het geheugen wil
opslaan.
01. Raadpleeg de “Tabel instructies” om de beschikbare instructies te
kiezen;kiesdeinstructiedieuaaneentoetsvandezenderwilttoe-
kennenennoteertotslothetnummerdatbdeinstructiehoort.
02. Druk op de ontvanger net zoveel malen op de toets als het nummer
van de instructie dat u eerder noteerde, de led van de ontvanger zal
hetzelfde aantal maal knipperen.
03. (op de zender, binnen 10 seconden) Houd de gekozen toets ingedrukt
tot de led van de ontvanger de eerste van 3 knipperingen laat zien
(=opslag uitgevoerd).
Opmerking – Na de drie knipperingen heeft u nog 10 seconden om
dezelfde instructie op andere toetsen van dezelfde zender of op een nieu-
we zender op te slaan.
Tabel instructies
uitgang 1 = STAP-VOOR-STAP
uitgang 2 = ALT
uitgang 3 = OPEN
uitgang 4 = SLUIT
6.2 - Opslag van een nieuwe zender met behulp van de
procedure ‘in de nabheid van de ontvanger’
[u dient te beschikken over een reeds in het geheugen opge-
slagen zender]
HetismogelkeenNIEUWEzenderinhetgeheugenvandeontvanger
op te slaan zonder de toets van deze ontvanger rechtstreeks in te druk-
ken;hetisvoldoendedatudeprocedurebinnendiensontvangstbereik
uitvoert. Om de procedure uit te kunnen voeren dient u te beschikken over
eenOUDEzenderdiereedsinhetgeheugenisopgeslagen(“WerkwzeI”
of“WerkwzeII”)endiehetdoet.ViadezeprocedureontvangtdeNIEUWE
zenderdezelfdeinstellingenalsdeOUDEzender.
Aanbevelingen:
• De procedure moet binnen het ontvangstbereik van de ontvanger
worden uitgevoerd (10-20 m van de ontvanger).
• Herhaal de gehele procedure voor elke zender die u in het geheu-
gen op wilt slaan.
Hetismogelk,naarwens,éénvandevolgendeprocedurestekiezen:
Standaard procedure
01.OpdeNIEUWEzenderhoudtutenminste5secondenlangdetoets...
ingedrukt (opmerking 1) en laat u deze toets vervolgens weer los.
02.OpdeOUDEzenderdruktu3maalopdetoets...(opmerking 2) en
laat u deze vervolgens weer los.
03.OpdeNIEUWEzenderdruktu1maalopdezelfdetoetsdieubpunt
01 heeft ingedrukt en laat u deze vervolgens weer los.
LET OP! – De in dit hoofdstuk beschreven handelingen mogen uit-
sluitend worden uitgevoerd door gekwaliceerd en ervaren perso-
neel, in overeenstemming met de instructies uit de handleiding en
de plaatselk geldende wetten en veiligheidsvoorschriften.
Ditisdebelangrkstefasebdeaanlegvandeautomatiseringtenein-
deeenzogrootmogelkeveiligheidvandeinstallatietegaranderen.De
beschreven testprocedure kan ook gebruikt worden om de inrichtingen,
waaruit de automatisering is opgebouwd, periodiek te controleren.
De fasen van de eindtest en de inbedrijfstelling van de automatisering
moetenwordenuitgevoerddoorgekwaliceerdenervarenpersoneeldat
dient te bepalen welke tests in functie van de bestaande risico’s noodzake-
lkznentecontrolerenofdewettelkevoorschriften,normenenregelsen
metnameallevereistenvannormEN12445,diedetestmethodesvoorde
controlevanautomatiseringenvoorpoortenbepaalt,inachtgenomenzn.
7.1 - Eindtest van de automatisering
Voorelkafzonderlkonderdeelvanhetautomatisme,zoalsbvoorbeeld
contactlsten,fotocellen,noodstop,etc.iseenspeciekefaseindeeind-
testvereist;voordezeinrichtingenzullendeproceduresuitdedesbetref-
fende instructiehandleidingen gevolgd moeten worden.
Ga voor de eindtest als volgt te werk:
1 Controleerofdeveiligheidsaanwzingenuithethoofdstuk“ALGEMENE
AANBEVELINGENENVOORZORGSMAATREGELENVOORDEVEI-
LIGHEID” zorgvuldiginachtzngenomen;
2 Ontgrendel de reductiemotor met de daarvoor bestemde sleutel (zie de
paragraaf “Handmatig vergrendelen of ontgrendelen van de reductie-
motor”vande“Gebruikshandleiding”);
3 ControleerofhetmogelkisdevleugelhandmatiginzoweldeOpe-
nings-alsdeSluitrichtingteverplaatsen;
4 Blokkeerdereductiemotormetdehiervoorbestemdesleutel(ziehet
hoofdstuk “Handmatig vergrendelen of ontgrendelen van de reductie-
motor”);
5 Gebruik de bedienings- of stopinrichtingen van de automatisering (sleu-
telschakelaar, bedieningsknoppen, zenders etc.), om sluit- en openings-
testsvandepoortuittevoerenencontroleerhierbofdebeweging
van de vleugel zoals voorzien is. Het is raadzaam meerdere tests uit te
voeren om te beoordelen of de poort soepel loopt en te controleren of er
EINDTEST EN INBEDRIJFSTELLING
7
6 – Nederlands
NL