© 2023 Maxeon Solar Technologies, Ltd. Alle rechten voorbehouden. | 549549 Revisie A - oktober 2023
Specicaties in dit document kunnen zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd.
18
1. Bepaal de installatiepositie. Er wordt een afstand van 1-1,3m tussen de bovenkant van het
laadstation en de vloer aanbevolen. Controleer met een waterpas of de sjabloon horizontaal
is geplaatst. Markeer vervolgens de boorgaten met een potlood, zoals weergegeven in
afbeelding 13. Er wordt een onderhoudsafstand van ten minste 200 mm aan beide zijden
van het laadstation aanbevolen, zoals weergegeven in afbeelding 13.
Afbeelding 13 Markeren van boorgaten
2. Boor op de gemarkeerde positie gaten met een Ø8-boortje. De eectieve lengte van de boor
is niet minder dan 80mm en de boordiepte is 60 mm, zoals weergegeven in afbeelding 14.
3. Steek een plastic wandplug van Ø8*60 in de vier montagegaten en bevestig de
montagebeugel in de twee onderste montagegaten en twee zelftappende M6*50-schroeven,
zoals weergegeven in afbeelding 15; controleer na bevestiging van de montagebeugel met
een waterpas dat ze horizontaal zijn geplaatst.
Afbeelding 14 Gaten in de muur boren Afbeelding 15 Bevestiging van montagebeugel
4. Installeer zelftappende M6*50-schroeven in de twee bovenste gaten. De schroef moet nog 7
mm buiten de muur uitsteken. Hang vervolgens het laadstation met de twee ophangsleuven
aan de achterkant aan de twee zelftappende schroeven, zoals weergegeven in afbeelding 16.
5. Bevestig de onderkant van het laadstation op de montagebeugel met behulp van twee
M6*12-schroeven zoals weergegeven in afbeelding 17, en controleer met een waterpas of het
laadstation horizontaal hangt.
Afbeelding 16 Ophangen van laadstation Afbeelding 17 Bevestiging van onderkant van laadstation
80
126
303,5
Max. 1236 mm
vanaf de grond
Max. 1,3 m
4 x 8 mm
diameter gaten
4 x 8 mm
diameter
gaten
7
Schroefkop steekt 7 mm uit
60
PH3
200 200