9
Als er onverwacht een deel ontbreekt, gelieve dan contact op te nemen met uw specialist.
Pos: 6. 4 /In nent eil /Vor ber ei ten de Ar beit e n/1. 1 H olma bst ützung a nba uen ( Ab bil dung B ) @ 15\ mod_1302700266608_2671.doc @ 127148
Boomsteun monteren (Afbeelding B )
Pos: 6. 5 /In nent eil /Vor ber ei ten de Ar beit e n/Hol ma bst ützu ng a nba uen T e xt @ 6\mod_1186403846453_2671.doc @ 38122
– De standversteviging tussen de achterwielen op de beide reeds gemonteerde bouten zetten.
– Aan elke kant met een gebogen ring en een moer met de hand vastschroeven.
Pos: 6. 6 /In nent eil /Vor ber ei ten de Ar beit e n/1. 1 F ührung s holm- Unt erteil anbau en (Abbi ldung B ) @ 15 \mod_1302700745872_2671. doc @ 127164
Onderstuk duwboom monteren (Afbeelding B )
Pos: 6. 7 /In nent eil /Vor ber ei ten de Ar beit e n/Führ ung s holm-U nt ertei l anb aue n Te xt 5 2-S @ 15\mod_1302701086615_2671.doc @ 127180
– In de beide nokken aan de maaierbehuizing vóór de achterwielen telkens één zeskantmoer M 8 erin leggen.
– De beide uiteinden van de duwboom van buiten tegen de nokken aan zetten.
– Op de beide zeskantschroeven voor de bevestiging telkens eerst een onderlegplaatje, dan een afstandsbus erop
schuiven.
– De beide schroeven door de uiteinden van de duwboom in de nokken schroeven.
Pos: 6. 8 /In nent eil /Vor ber ei ten de Ar beit e n/1. 1 F ührung s holm- Ob erteil a nba uen / Hol ms tart Mo ntag e ( Abbi ldu ng F 1 + G 1 ) @ 15 \mod_1302701416252_2671.doc @ 127196
Bovenstuk duwboom monteren / Montage van de startstang (Afbeelding F1 + G1 )
Pos: 6. 9 /In nent eil /Vor ber ei ten de Ar beit e n/Führ ung s holm- Ober teil a nba uen / H olmst art mo ntag e Te xt 5 2-S A @ 23\mod_1362046225292_2671.doc @ 170229
– Schuif de uiteinden van het bovenstuk van de duwstang (1) zover op het onderstuk van de duwstang (2), tot de gaten in
de duwstang samenvallen.
– Aan de binnenzijde van het onderste gedeelte van de duwstang de duwstangsteun (3) aan de bovenste en onderste
boringen voor de verschillende duwstangneigingen aanleggen:
bovenste boringen = steile duwstangpositie (voor grotere personen)
onderste boringen = vlakke duwstangpositie (voor kleinere personen)
– Op de linkerkant telkens twee zeskante schroeven (4) met gegolfde schijf (5) langs buiten door de stangdelen
doorsteken F1 .
– Op de rechterkant, in de boring, waar ook de stanversteviging wordt bevestigd, een zeskante schroef (4) met gegolfde
schijf (5) en in de andere boring de startergreephouder (8) doorsteken G1 .
– Bij de twee schroeven (4), die ook de stangversteviging bevestigen, telkens een schijf (6) en bij de derde schroef (4) en
de startergreephouder (8) een gegolfde schijf (5) opplaatsen en met telkens een zeskante moer (7) vastschroeven.
– Schroef de starthandgreephouder (8) met slechts één zeskantmoer (11) vast G1 .
– De gemonteerde duwstang in een rechte stand brengen en alle bouten vast aanschroeven.
– Om de startkabel (9) in te hangen moet eerst de veiligheidsschakelbeugel (10) aan het bovenstuk van de duwboom (1)
worden omgeklapt G1 .
– De startkabel (9) eruit trekken en door een draaiende beweging in de houder van de startgreep (8) hangen.
– Ervoor zorgen dat de kabel zo ligt, dat hij zonder te knikken kan worden aangetrokken.
Pos: 6. 10 /I nne nt eil/V orb erei te nde Arb eit en/1 .1 Ei nh äng en d es M otor -Brems-Bowdenzuges am Motor (Abbildung H1 ) @ 3\mod_1152610373265_2671.doc @ 17456
Inhangen van de motorrem-bowdenkabel aan de motor (Afbeelding H1 )
Pos: 6. 11 /I nne nt eil/V orb erei te nde Arb eit en/Ei nh äng en d es M otor- Br ems- Bo wdenzu g es a m M otor Text 52- S @ 1 5\mod_1302703008014_2671.doc @ 127260
– De hoek aan het uiteinde van de bowdenkabel (1) van onder tot aan de knik in de schakelhendel van de rem (2) leiden.
– De bowdenkabel naar achter omhoog tillen.
– Het beweeglijke deel van het uiteinde van de bowdenkabel (3) naar achter trekken, tot de draadkabel (4) van boven in
de uitsparing (5) kan worden geleid.
– Daarna de bowdenkabel (3) naar voor schuiven, tot de springhaak (6) arrêteert in de uitsparing (5) van de inhanging
van de bowdenkabel.
– De bowdenkabel met behulp van kabelbanden uit het gereedschapszakje een de bovenste en onderste stang
bevestigen.
Pos: 6. 12 /I nne nt eil/V orb erei te nde Arb eit en/1 .1 Pr all blec h a nba uen ( Ab bil dung T1 ) @ 0\mod_1115200869984_2671. doc @ 2834
Monteren van de stuitplaat (Afbeelding T1 )
Pos: 6. 13 /I nne nt eil/Si cher h eitsh in weise /Sicher hei tshin weis: St ein @ 0\mod_1115200949078_2671.doc @ 2687
Veiligheidsinstructie!
Verklaring van de symbolen zie tabel pagina 3
Pos: 6. 14 /I nne nt eil/V orb erei te nde Arb eit en/Pr all ble ch a nba uen H in weis @ 15\mod_1301471100051_2671.doc @ 126165
BELANGRIJK
Als het apparaat wordt ingezet zonder stootplaat, dan kunnen verwondingen het gevolg zijn door omhoog
geslingerde voorwerpen. Het apparaat alleen inzetten met stootplaat.
Pos: 6. 15 /I nne nt eil/V orb erei te nde Arb eit en/Pr all ble ch a nba uen T e xt 52 er Pr ofi S @ 13\ mod_1280313820002_2671.doc @ 110330
– De bevestigingsbeugel van de stootplaat open klappen.
– De stootplaat, met de voorgemonteerde schroeven in de beugel, in de maaierbehuizing vastschroeven.
VOORZICHTIG
Bij het openen van de onder spanning staande stootplaat kunnen bij onoplettendheid de vingers bekneld raken.
Pos: 6. 16 /I nne nt eil/V orb erei te nde Arb eit en/1 .1 Sc h nitt höh e einst el len ( Ab bil du ng I ) @ 0\mod_1115201229609_2671.doc @ 2836