BELANGRIJK
• Deze reglementen gelden zowel voor concentrische als voor parallelle
rookgasafvoersystemen.
• Het rookgasafvoersysteem moet stevig op een vaste structuur worden
vastgemaakt.
• Het rookgasafvoersysteem moet een continue neerwaartse helling (1,5°
tot 3°) naar de ketel hebben. N.B. De muurdoorvoeren moeten
horizontaal worden geplaatst.
• Gebruik alleen de bijgeleverde beugels.
• Elk bochtstuk moet met een beugel stevig worden vastgemaakt.
Behalve voor de aansluiting op de ketel: indien de lengte van de leidingen
voor en na het eerste bochtstuk niet meer dan 250 mm bedraagt, moet het
tweede element na het eerste bochtstuk een beugel bevatten.
Opmerking: de beugel moet op het bochtstuk worden geplaatst!
• Elk verlengstuk moet om de meter met een beugel worden vastgemaakt.
Deze beugel mag de leiding niet rondom klemmen om ervoor te zorgen
dat deze leiding vrij kan bewegen.
• Zorg ervoor dat de beugel in de juiste stand wordt vergrendeld in functie
van de plaats van deze beugel op de leiding of het bochtstuk:
• Meng geen rookgasafvoeronderdelen en klemmen van verschillende
leveranciers.