• De plaats van de pijpleidingen voor koelmiddel en water
wordt hieronder aangegeven.
61
115
84
84
84
84
75
174
Eenheid: mm
8.2 KOELMIDDELLEIDING
AANSLUITEN
De afmetingen van de leidingaansluiting voor de binnenunit
wordt hieronder weergegeven.
Model Gasleiding Vloeistoeiding
044 (2,0 HP)
Ø 12,7 (1/2"
)
Ø 6,35 (1/4"
)060 (2,5 HP)
080 (3,0 HP)
Ø15,88 (5/8"
)
Het vereiste aandraaimoment wordt hieronder weergegeven.
Leiding-diameter Aandraaimoment (N·m)
Ø 6,35 14~18
Ø 9,53 33~42
Ø 12,7 49~61
Ø 15,88 63~77
? OPMERKING
Schroef de moerdop vast met twee moersleutels. Om warmtelekkage
van gasleiding, vloeistoeiding en aansluitmoerdop te voorkomen, moet
warmtebehoudend materiaal worden gebruikt.
8.3 AANSLUITING WATERLEIDING
• De afmetingen van de leidingaansluiting voor de binnenunit.
Model
Waterinlaat
van de ver-
warming/-
-koeling
Warm tap-
water uitlaat
(warm
water)
Warm tap-
water inlaat
(koud
water)
Wateruitlaat
van de ver-
warming/-
koeling
044 (2,0 HP)
G1"
(vrouwelijk)
G3/4"
(vrouwelijk)
G3/4"
(vrouwelijk)
G1"
(vrouwelijk)
060 (2,5 HP)
080 (3,0 HP)
Aanhaalmo-
ment vereist
40~50 (N·m)
8.3.1 Aansluiting leidingen van de verwarming/-koeling
(1) Installeer afsluitkleppen
Een afsluitklep met lter wordt bij de unit meegeleverd. Voor
onderhoud en mogelijke reparaties, installeer de afsluitklep
met lter op de waterinlaatleiding van de binnenunit, zoals
weergegeven. Installeer de verwarming/-koeling zoals
aangegeven in hoofdstuk 9.1.
Pakkingen
Pakkingen
Waterinlaat van de
verwarming/-koeling
Wateruitlaat van de
verwarming/-koeling
? OPMERKING
De afsluitklep kan rechtstreeks op de wateruitlaat van de binnenunit
worden aangesloten. De afsluitklep met lter moet worden geïnstalleerd
bij de waterinlaat van de binnenunit, en de debietrichting van het water
en de installatierichting moeten worden bevestigd als hieronder wordt
weergegeven. De afdichting bij de accessoires kan worden geïnstalleerd
op de twee aansluitingen van de afsluitklep en de afsluitklep met lter.
LEIDINGEN
12