218 / 291 - NL -
4.5. Opmerking oven van andere fabrikant
De pinbezetting van de bijpassende 14-polige ronde ovenconnector kan per ovenfabrikant verschillen!
Let op!
Als de pinbezetting van de regelaar verschilt van die van de oven, kunnen de regelaar en de oven beschadigd raken.
5. Ingebruikname
5.1. Regelinstallatie in- en uitschakelen
De tuimelschakelaar voor het in- en uitschakelen van de regelinstallatie bevindt zich aan de onderkant van de behuizing.
Regelinstallatie
inschakelen
Zet de tuimelschakelaar in positie ‘I’.
Regelinstallatie
uitschakelen
Zet de tuimelschakelaar in positie ‘0’.
5.2. Beknopte gebruiksaanwijzing
Schakel het apparaat in en wacht tot de oventemperatuur wordt weergegeven.
Druk op toets
g
om het stookprogramma op te roepen.
Druk op toets
f
of
d
om het stookprogramma te selecteren.
Druk op toets
j
om het geselecteerde stookprogramma te starten.
Druk nogmaals op toets
j
om het stookproces te beëindigen.
Druk op toets
g
om de stookgegevens nogmaals op te vragen en naar de programmeermodus te gaan.
Druk op toets
f
of
d
om de stookgegevens te wijzigen en verander de weergegeven waarde.
Druk op toets
g
om door te gaan naar de volgende stookwaarde of het volgende segment en controleer of
wijzig indien nodig.
Druk op toets
h
om terug te gaan naar de vorige waarde.
Druk op toets
f
om de opstooksnelheid op ‘END’ (einde van het programma) te zetten en zo het programma-
einde vast te leggen.
Druk op toets
j
om het stookproces te starten of wacht 20 seconden om de programmeermodus te verlaten.