8| KOOKSTANDEN SNELKOOKPAN
GAARTIJDEN VARIËREN
De gaartijden kunnen bij hetzelfde te garen
voedingsmiddel verschillen, omdat hoeveelheid,
vorm en toestand van levensmiddelen variëren.
8.1| KOOKSTAND 1
Behoedzaam koken van kwetsbare levensmidde-
len zoals groente, vis of compote.
Bij deze kookstand wordt bijzonder behoed-
zaam gegaard. Het aroma en de voedingsstoffen
blijven zoveel mogelijk behouden. Bij kook-
stand 1 komt de drukindicator omhoog tot de
1e kookring.
1| Controleer of de snelkookpan correct is
afgesloten.
2| Snelkookpan op het fornuis zetten.
3| Fornuis op hoge energiestand instellen.
De snelkookpan wordt opgewarmd.
a) Via het veiligheidsventiel
7
, dat ook het
drukopbouwmechanisme is, treedt in de
beginnende kookfase net zolang lucht uit
totdat het ventiel sluit en er druk wordt
opgebouwd.
b) Eerst komt de pal omhoog en daarna de
volledige drukindicator
16
. De stijging kan
worden geregeld door de energietoevoer
aan te passen.
c) Als de pal in het midden van de drukindi-
cator omhoogkomt, betekent dat dat u de
pan nu niet meer kunt openen.
4| Zodra op de drukindicator
16
de 1e kookring
goed zichtbaar is, begint de gaartijd.
5| Let erop dat de positie van de ring op de dru-
kindicator
16
stabiel blijft.
6| Als de drukindicator
16
onder de 1e kookring
daalt, de warmtetoevoer verhogen.
De gaartijd wordt daardoor enigszins verlengd.
7| Als de drukindicator
16
tot boven de 1e
kookring stijgt, ontstaat een te hoge stoom-
druk die via de energietoevoer geregeld moet
worden.
a) Snelkookpan van de kookplaat halen.
b) Wachten totdat de drukindicator tot de 1e
kookring is gedaald.
c) De snelkookpan bij een verlaagde energie-
toevoer weer op het fornuis zetten..
8| Na het beëindigen van de gaartijd de snel-
kookpan van het fornuis halen en de druk
afbouwen (zie hoofdstuk 9).
9| Nadat de druk afgebouwd is, de snelkookpan
schudden en voorzichtig openen.
8.2| KOOKSTAND 2
Snelle kookstand voor alle overige levensmid-
delen Bij deze kookstand wordt veel tijd en
energie bespaard. Bij kookstand 2 komt de dru-
kindicator omhoog tot de 2e kookring. Te hoge
druk wordt automatisch gereguleerd.
1| Controleer of de snelkookpan correct is
afgesloten.
2| Snelkookpan op het fornuis zetten.
3| Fornuis op de hoogste kookstand instellen.
De snelkookpan wordt opgewarmd.
a) Via het veiligheidsventiel
7
, dat ook het
drukopbouwmechanisme is, ontsnapt in de
beginnende kookfase net zolang lucht tot
het ventiel sluit en druk wordt opgebouwd.
b) De drukindicator
16
komt omhoog. De stij-
ging kan worden geregeld door de energie-
toevoer aan te passen.
c) Als de pal in het midden van de drukindi-
cator omhoogkomt, betekent dat dat u de
pan nu niet meer kunt openen.
Zodra op de drukindicator
16
de 2e
kookring goed zichtbaar is, begint de
gaartijd.
4| Let erop dat de positie van de ring op de dru-
kindicator
16
stabiel blijft.
343
ZHtw TR TH SV SL SK RU RO PT PL NO NL KO ID HU HR FI EL DA CS BG ZHcn IT ES FR EN DE